Algemene wet inzake rijksbelastingen

AWR

Huidige tekst

Artikel 38 AWR

Geldt sinds 1 januari 2012

  1. 1

    Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen ter voorkoming van dubbele belasting in gevallen waarin daaromtrent niet op andere wijze is voorzien, regelen worden gesteld ten einde gehele of gedeeltelijke vrijstelling of vermindering van belasting te verlenen, indien en voor zover het voorwerp van de belasting is onderworpen aan een belasting die vanwege een ander land van het Koninkrijk, een andere Mogendheid of een volkenrechtelijke organisatie wordt geheven.

  2. 2

    Belastbaar loon uit tegenwoordige arbeid wordt voor de toepassing van het eerste lid geacht te zijn onderworpen aan een belasting die vanwege een andere Mogendheid wordt geheven, indien zij wordt genoten uit privaatrechtelijke dienstbetrekking tot een werkgever die is gevestigd in een lidstaat van de Europese Unie of in een bij ministeriële regeling aangewezen staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte, voorzover dat loon betrekking heeft op arbeid die gedurende ten minste drie aaneengesloten maanden wordt verricht binnen het gebied van een Mogendheid waarmee Nederland geen verdrag ter voorkoming van dubbele belasting heeft gesloten en met betrekking waartoe geen regelen zijn gesteld op grond van artikel 37. Voor de toepassing van de vorige volzin omvat het gebied van een andere Mogendheid mede het gebied buiten de territoriale wateren van die Mogendheid waar deze in overeenstemming met het internationale recht soevereine rechten kan uitoefenen. Onze Minister is bevoegd voor bepaalde gevallen of groepen van gevallen te bepalen dat loon betrekking heeft op arbeid die gedurende ten minste drie aaneengesloten maanden wordt verricht.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2025:1043Parket bij de Hoge Raad, 26 september 2025 (belastingrecht)

    Golfstatenbesluit. Art. 15(3) en art. 23 belastingverdrag met Turkije. Gelijkheidsbeginsel. Brengt het gelijkheidsbeginsel mee dat de goedkeuring in het Golfstatenbesluit om de vrijstellingsmethode…

  • ECLI:NL:PHR:2024:802Parket bij de Hoge Raad, 2 augustus 2024 (belastingrecht)

    Sprongcassatie; verrekening van voortgewentelde buitenlandse bronbelasting op innovatiebox-royalty's. Art. 36, 36a, 37 en 44 Bvdb en art. 12b Wet Vpb. Kan voortgewentelde innovatiebox-bronbelasting…

  • ECLI:NL:PHR:2020:235Parket bij de Hoge Raad, 7 mei 2020 (belastingrecht)

    Premieheffing Rijnvarende: (i) Inspecteur bevoegd om premies volksverzekeringen vast te stellen zonder voorafgaand Svb-besluit? (ii) Schending EU-doeltreffendheidsbeginsel door dubbele procedures?…

  • ECLI:NL:HR:2018:254Hoge Raad, 23 februari 2018 (belastingrecht)

    Artikel 38, lid 2, AWR. Toerekening verlof aan in buitenlandse mogendheid verrichte arbeid.

  • ECLI:NL:GHAMS:2025:1190Gerechtshof Amsterdam, 22 april 2025 (belastingrecht)

    Voorkoming van dubbele belastingen salaris Brunei. artikel 38, lid 2, Awr. Belanghebbende heeft niet aannemelijk gemaakt dat hij in een privaatrechtelijke dienstbetrekking staat tot een Deense…

  • ECLI:NL:GHAMS:2024:3135Gerechtshof Amsterdam, 31 oktober 2024 (belastingrecht)

    DA IB/PVV 2016. Rijnvarende. Verwijzingsarrest ECLI:NL:HR:2024:54. A1-verklaring SVB. Vrijstelling van premies volksverzekeringen. Verrekening van in Liechtenstein betaalde socialezekerheidspremies.…

  • ECLI:NL:GHARL:2024:3200Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 7 mei 2024 (belastingrecht)

    IB/PVV. Rijnvarende. Premieheffing volksverzekeringen.

  • ECLI:NL:GHARL:2024:3202Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 7 mei 2024 (belastingrecht)

    IB/PVV. Rijnvarende. Premieheffing volksverzekeringen.

68 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.