Algemene wet inzake rijksbelastingen

AWR

Huidige tekst

Artikel 36 AWR

Geldt sinds 1 april 2002

De termijnen van artikel 11, derde lid, artikel 16, derde en vierde lid, en artikel 20, derde lid, worden verlengd met de tijd die verloopt tussen de dagtekening van het afschrift van de in artikel 32 bedoelde beschikking en de dag welke valt een jaar na die waarop die beschikking onherroepelijk geworden dan wel vernietigd is.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2002:AD8510Parket bij de Hoge Raad, 6 december 2002 (belastingrecht)

    -

  • ECLI:NL:GHLEE:2006:AV1722Gerechtshof Leeuwarden, 10 februari 2006 (belastingrecht)

    Tussen partijen is in geschil het antwoord op de volgende vragen. a. Heeft de inspecteur de bewijslast terecht omgekeerd? b. Is de nageheven omzetbelasting gebaseerd op een redelijke schatting van de…

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.