Algemene wet inzake rijksbelastingen

AWR

Huidige tekst

Artikel 49a AWR

Geldt sinds 28 juli 2018

Bij ministeriële regeling wordt aangewezen degene die is gehouden bij het verrichten van de in die ministeriële regeling aan te wijzen werkzaamheden het burgerservicenummer te gebruiken ten behoeve van de rijksbelastingdienst. Voor aanwijzing komt niet in aanmerking een overheidsorgaan als bedoeld in artikel 1, onderdeel c, van de Wet algemene bepalingen burgerservicenummer of degene aan wie het burgerservicenummer is toegekend. Onder werkzaamheden als bedoeld in de eerste volzin wordt mede verstaan het doen van aangifte.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2019:1012Parket bij de Hoge Raad, 27 augustus 2019 (strafrecht)

    Gewoontewitwassen van geldbedragen (art. 420ter jo. 420bis.1.a en 420bis.1.b Sr) en opzettelijk onjuist of onvolledig doen van aangifte inkomstenbelasting (art. 69 AWR) door als afdelingshoofd van…

  • ECLI:NL:PHR:1992:33Parket bij de Hoge Raad, 29 juli 1992 (belastingrecht)

    Naheffing van loonbelasting over door de belanghebbende aan sommige van haar werknemers gedane loonbetalingen. Het tijdvak van naheffing. Samenloop met de inkomstenbelasting. Administratieve…

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.