Algemene wet inzake rijksbelastingen

AWR

Huidige tekst

Artikel 25e AWR

Geldt sinds 1 januari 2016

  1. 1

    Binnen zes weken nadat de rechtsvraag, bedoeld in artikel 25c, al dan niet met accessoire kwesties, onherroepelijk is beantwoord, beslist de inspecteur door middel van één collectieve uitspraak op bezwaren waarvoor de aanwijzing massaal bezwaar geldt.

  2. 2

    In afwijking in zoverre van het eerste lid kan de inspecteur, indien de bestuursrechter in belastingzaken de rechtsvraag heeft voorgelegd aan de Hoge Raad ter beantwoording bij wijze van prejudiciële beslissing, collectief uitspraak doen binnen zes weken nadat die bestuursrechter heeft beslist.

  3. 3

    De collectieve uitspraak, bedoeld in het eerste of tweede lid, wordt bekendgemaakt door gelijktijdige kennisgeving ervan in de Staatscourant en op de website van de Belastingdienst. Tegen de collectieve uitspraak kan geen beroep worden ingesteld.

  4. 4

    Indien de inspecteur bij de rechterlijke uitspraak, bedoeld in het eerste of tweede lid, geheel of gedeeltelijk in het ongelijk is gesteld, vermindert hij de belastingaanslagen en beschikkingen waarop bezwaren waarvoor de aanwijzing massaal bezwaar geldt betrekking hadden binnen zes maanden na de kennisgeving van de collectieve uitspraak. Indien de bezwaren waarvoor de aanwijzing massaal bezwaar geldt betrekking hebben op ingehouden of op aangifte afgedragen belasting verleent de inspecteur binnen zes maanden na de kennisgeving van de collectieve uitspraak een teruggaaf.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:HR:2026:495Hoge Raad, 27 maart 2026 (belastingrecht)

    Inkomstenbelasting; art. 2.17 (4) Wet IB 2001; art. 25e AWR; collectieve uitspraak in massaalbezwaarprocedure; termijn voor wijziging onderlinge verhouding tussen fiscale partners nadat de aanslag is…

  • ECLI:NL:PHR:2025:1210Parket bij de Hoge Raad, 7 november 2025 (belastingrecht)

    Kan de verdeling tussen fiscaal partners van de grondslag sparen en beleggen nog worden gewijzigd, als bedoeld in art. 2.17(4) Wet IB 2001, als een aanslag IB/PVV onherroepelijk komt vast te staan…

  • ECLI:NL:HR:2023:1094Hoge Raad, 18 augustus 2023 (belastingrecht)

    Massaal bezwaar; omzetbelasting; privégebruik auto; art. 25c e.v. AWR; artikel 4, lid 2, onderdeel a Wet OB; reikwijdte van collectieve uitspraak op bezwaar; is woon-werkverkeer van werknemers voor…

  • ECLI:NL:PHR:2023:462Parket bij de Hoge Raad, 28 april 2023 (belastingrecht)

    Is sprake van privégebruik van de auto van de zaak voor de omzetbelasting bij woon-werkverkeer bij (veel) thuiswerken? Valt dit geschilpunt onder de voor massaal bezwaar aangewezen rechtsvragen? Kan…

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:15458Rechtbank Den Haag, 2 juni 2026 (belastingrecht)

    box 3, prejudiciele vragen, gegrond

  • ECLI:NL:GHDHA:2025:2789Gerechtshof Den Haag, 4 juni 2025 (belastingrecht)

    Art. 8:42 Awb. Niet aannemelijk dat de Inspecteur over meer stukken beschikt dan het strafvonnis met bijlagen. Geen schending van het una via-beginsel en motiverings- en zorgvuldigheidsbeginsel en…

  • ECLI:NL:RBDHA:2025:10265Rechtbank Den Haag, 27 mei 2025 (belastingrecht)

    Op 4 februari 2022 heeft de staatssecretaris van Financiën een collectieve uitspraak gedaan op alle als massaal bezwaar aangewezen bezwaarschriften over de vermogensrendementsheffing (box 3) voor de…

  • ECLI:NL:GHDHA:2025:787Gerechtshof Den Haag, 15 april 2025 (belastingrecht)

    Art. 8:73 Awb (oud) Awb, art. 1, aanhef en onderdeel e, Bpb, art. 2, lid 3, Bpb, art. 25e AWR en art. 27h AWR. Verletkosten niet aannemelijk gemaakt. Geen overschrijding van de redelijke termijn. Bij…

67 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.