Burgerlijk Wetboek Boek 4

BW

Huidige tekst

Artikel 4:14 BW

Geldt sinds 1 januari 2003

  1. 1

    Indien de nalatenschap overeenkomstig artikel 13 is verdeeld, is de echtgenoot van de erflater tegenover de schuldeisers en tegenover de kinderen verplicht tot voldoening van de schulden der nalatenschap. In de onderlinge verhouding van de echtgenoot en de kinderen komen de schulden der nalatenschap voor rekening van de echtgenoot.

  2. 2

    Voor schulden van de nalatenschap, alsmede voor schulden van de echtgenoot die konden worden verhaald op de goederen van een gemeenschap waarvan de echtgenoot en de erflater de deelgenoten waren, neemt de schuldeiser in zijn verhaal op de goederen die krachtens artikel 13 lid 2 aan de echtgenoot toebehoren, rang voor degenen die verhaal nemen voor andere schulden van de echtgenoot.

  3. 3

    Voor schulden van de nalatenschap kunnen de goederen van een kind niet worden uitgewonnen, met uitzondering van de in artikel 13 lid 3 bedoelde geldvordering. Uitwinning van die goederen is wel mogelijk voor zover de geldvordering van het kind is verminderd door betaling of door overdracht van goederen, tenzij het kind goederen van de echtgenoot aanwijst die voldoende verhaal bieden.

  4. 4

    De uit lid 1, tweede zin, voortvloeiende draagplicht van de echtgenoot geldt mede wanneer de schulden van de nalatenschap de baten overtreffen, onverminderd artikel 184 lid 2.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2021:556Parket bij de Hoge Raad, 4 juni 2021 (civiel recht)

    Prejudiciële vragen; vereffening nalatenschap; berekening vordering; art. 4:218 lid 5 BW; fixatiebeginsel art. 128 Fw van overeenkomstige toepassing op vereffening nalatenschap?; onderscheid tussen…

  • ECLI:NL:RBMNE:2026:7488Rechtbank Midden-Nederland, 23 september 2026 (civiel recht)

    Erfrecht. Verzoekster verzoekt de kantonrechter om verweerders (de kinderen van haar overleden echtgenoot) een termijn te stellen om een keuze te maken over aanvaarding van de nalatenschap van hun…

  • ECLI:NL:RBGEL:2025:11658Rechtbank Gelderland, 10 december 2025 (civiel recht)

    Erfrecht. Tussenvonnis. Vordering op erfgenamen van langslevende echtgenoot (stiefvader) uit hoofde van wettelijke verdeling van de nalatenschap van erflaatster (moeder). Hoogte vordering staat niet…

  • ECLI:NL:GHDHA:2025:1538Gerechtshof Den Haag, 22 juli 2025 (personen- en familierecht)

    De vereffenaar vertegenwoordigt op basis van art 4:211 lid 1 BW de erfgenamen in en buiten rechte. De vereffenaar is gehouden om de belangen van de crediteuren van de nalatenschap te behartigen. De…

  • ECLI:NL:RBNHO:2025:4282Rechtbank Noord-Holland, 17 april 2025 (civiel recht)

    erfrecht; vaststellen geldvordering 4:15 BW; stellen zekerheid

  • ECLI:NL:RBLIM:2024:8020Rechtbank Limburg, 6 november 2024 (civiel recht)

    Bijzondere overeenkomst; overige bijzondere overeenkomst

  • ECLI:NL:RBAMS:2024:2237Rechtbank Amsterdam, 10 april 2024 (civiel recht)

    Erfrecht, legaat, is sprake van overeenkomst? Is er een vordering? Is de executeur/erfgenaam ook persoonlijk aansprakelijk?

  • ECLI:NL:RBLIM:2024:1688Rechtbank Limburg, 3 april 2024 (civiel recht)

    Gelegd beslag niet onrechtmatig, ondanks het feit dat vonnis op basis waarvan het beslag is gelegd, in hoger beroep is vernietigd. Ook geen misbruik van bevoegdheid bij het leggen van het beslag, nu…

19 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.