Burgerlijk Wetboek Boek 4

BW

Huidige tekst

Artikel 4:193 BW

Aanvaarding namens een minderjarige of onbekwame erfgenaam redactionele omschrijving

Geldt sinds 1 januari 2003

  1. 1

    Een wettelijke vertegenwoordiger van een erfgenaam kan voor deze niet zuiver aanvaarden en behoeft voor verwerping een machtiging van de kantonrechter. Hij is verplicht een verklaring van beneficiaire aanvaarding of van verwerping af te leggen binnen drie maanden vanaf het tijdstip waarop de nalatenschap, of een aandeel daarin, de erfgenaam toekomt. Deze termijn kan overeenkomstig artikel 192 lid 2, tweede zin, worden verlengd.

  2. 2

    Heeft hij de termijn laten verlopen, dan geldt de nalatenschap als door de erfgenaam beneficiair aanvaard. De kantonrechter kan hiervan aantekening doen houden in het boedelregister.

  3. 3

    De leden 1 en 2 zijn niet van toepassing in het geval, bedoeld in artikel 41 van de Faillissementswet.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:HR:2025:758Hoge Raad, 16 mei 2025 (personen- en familierecht)

    Prejudiciële vragen (art. 392 Rv). Personen- en familierecht. Meerderjarigenbewind. Erfrecht. Is bewindvoerder die is benoemd op grond van art. 1:431 BW wettelijke vertegenwoordiger als bedoeld in…

  • ECLI:NL:PHR:2024:862Parket bij de Hoge Raad, 30 augustus 2024 (civiel recht)

    Prejudiciële vragen samenloop art. 1:441 BW (beschermingsbewind bij opgekomen nalatenschap) en art. 4:193 BW (wettelijke vertegenwoordiging bij opgekomen nalatenschap).

  • ECLI:NL:PHR:2021:242Parket bij de Hoge Raad, 12 maart 2021 (personen- en familierecht)

    Erfrecht. Zuivere aanvaarding van de nalatenschap door gedragingen van de erfgenaam? Art. 4:192 lid 1 (oud) BW.

  • ECLI:NL:PHR:2006:AU6712Parket bij de Hoge Raad, 5 september 2006 (strafrecht)

    Beklag ex art. 552a Sv. X laat bij zijn overlijden € 874.874,99 na aan zijn minderjarige kinderen Y en Z, welk vermogen volgens het OM een criminele herkomst heeft. Het OM heeft ten laste van de…

  • ECLI:NL:GHSHE:2026:1035Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 16 april 2026 (civiel recht)

    tussenbeschikking / prejudiciële vragen aan de Hoge Raad / Ziet het woord ‘making’ als bedoeld in artikel 1:441 lid 2 aanhef en onder b BW op uitsluitend legaten of ook op erfstellingen? Indien het…

  • ECLI:NL:RBLIM:2026:2017Rechtbank Limburg, 27 februari 2026 (personen- en familierecht)

    Machtiging verwerping nalatenschap voor ongeboren kind. Belang ouders. Ingang driemaandentermijn art. 4:193 lid 1 BW.

  • ECLI:NL:RBLIM:2026:1533Rechtbank Limburg, 19 februari 2026 (personen- en familierecht)

    Machtiging tot verwerping aan in Nederland wonend ouder van een minderjarige. Overledene laatste woon- of verblijfplaats in Bulgarije.

  • ECLI:NL:RBLIM:2026:1507Rechtbank Limburg, 13 februari 2026 (personen- en familierecht)

    Machtiging verwerping nalatenschap voor minderjarige.

116 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.