Burgerlijk Wetboek Boek 4

BW

Huidige tekst

Artikel 4:37 BW

Geldt sinds 1 januari 2003

  1. 1

    Degene die krachtens de artikelen 35 en 36 aanspraak maakt op een som ineens, heeft een vordering op de gezamenlijke erfgenamen. De mogelijkheid om aanspraak te maken op een som ineens vervalt, indien de rechthebbende niet binnen een redelijke, hem door een belanghebbende gestelde termijn, en uiterlijk negen maanden na het overlijden van de erflater, heeft verklaard dat hij de som ineens wenst te ontvangen.

  2. 2

    De vordering is niet opeisbaar totdat zes maanden zijn verstreken na het overlijden van de erflater.

  3. 3

    De rechtsvordering verjaart door verloop van een jaar na het overlijden van de erflater. Indien die erflater een echtgenoot achterlaat, wordt voor degene die krachtens artikel 36 aanspraak op een som ineens heeft gemaakt, deze termijn verlengd tot een jaar na het overlijden van die echtgenoot.

  4. 4

    De sommen ineens bedragen gezamenlijk ten hoogste de helft van de waarde der nalatenschap; voor zoveel nodig ondergaan zij elk een evenredige vermindering. Onder de waarde der nalatenschap wordt in dit artikel verstaan de waarde van de goederen der nalatenschap, verminderd met de in artikel 7 lid 1 onder a tot en met e vermelde schulden.

  5. 5

    De voldoening van de sommen ineens komt ten laste van het gedeelte der nalatenschap waarover niet bij uiterste wilsbeschikking is beschikt, en vervolgens, zo dit onvoldoende is, van de makingen; artikel 87 lid 2, tweede zin, is op een inkorting van overeenkomstige toepassing.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2025:935Parket bij de Hoge Raad, 5 september 2025 (civiel recht)

    Erfrecht. Uitleg van vervaltermijn in art. 4:216 BW. Peilmoment voor beoordeling gift (art. 7:188 BW) i.v.m. vermindering van uitkering (art. 4:120 lid 2 jo. art. 4:126 lid 2 sub b BW).

  • ECLI:NL:PHR:2024:1129Parket bij de Hoge Raad, 25 oktober 2024 (personen- en familierecht)

    Cassatie in het belang der wet. Wie is bevoegd om te oordelen over art. 4:29 en 4:30 BW-aanspraken, de kantonrechter of de kamer voor andere zaken dan kantonzaken van de rechtbank? Wordt een…

  • ECLI:NL:PHR:2023:429Parket bij de Hoge Raad, 14 april 2023 (personen- en familierecht)

    Erfrecht; som ineens wegens in bedrijf van erflater verrichte werkzaamheden (art. 4:36 BW); te verdisconteren voordelen; billijke vergoeding; relevante periode (lid 1); aftrek ontvangen beloning (lid…

  • ECLI:NL:GHARL:2025:1937Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 1 april 2025 (civiel recht)

    Afwikkeling van een nalatenschap in het licht van de overname door een van de erfgenamen van het agrarisch bedrijf van erflater. Legitieme-perikelen. Is de bedrijfsovername wel correct verlopen? De…

  • ECLI:NL:RBROT:2025:3000Rechtbank Rotterdam, 19 februari 2025 (personen- en familierecht)

    Gelasten wijze van verdeling nalatenschap. De kosten van executele en het loon van de executeur vormen een schuld van de nalatenschap. Advocaatkosten kunnen hier ook onder vallen. De op artikel 4:36…

  • ECLI:NL:GHARL:2024:2133Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 26 maart 2024 (civiel recht)

    Erfrecht. Geschil tussen broer en zus over de verdeling van de nalatenschap van hun moeder. De rechter stelt de verdeling vast.

  • ECLI:NL:GHSHE:2022:1308Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 21 april 2022 (civiel recht)

    Verzoek toewijzing billijke vergoeding (salaire différé ex artikel 4:36 BW)/ aanspraak tijdig conform [vindplaats tb: ECLI:NL:GHSHE:2021:1507] / beoordeling genoten voordelen na voortgezet debat/…

  • ECLI:NL:GHSHE:2021:1507Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 20 mei 2021 (civiel recht)

    Zie einduitspraak [vindplaats: ECLI:NL:GHSHE:2022:1308]

22 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.