Burgerlijk Wetboek Boek 4

BW

Huidige tekst

Artikel 4:33 BW

Geldt sinds 1 januari 2003

  1. 1

    De kantonrechter kan op verzoek van een hoofdgerechtigde, mits daardoor een zwaarwegend belang van deze wordt gediend en in vergelijking hiermede het belang van de echtgenoot niet ernstig wordt geschaad: a.aan die hoofdgerechtigde een met vruchtgebruik belast goed uit de nalatenschap, al dan niet onder de last van het vruchtgebruik, toedelen; b.het vruchtgebruik van een of meer goederen beëindigen; c.aan het vruchtgebruik verbonden bevoegdheden van de echtgenoot beperken of hem deze ontzeggen; d.het vruchtgebruik in het belang van de hoofdgerechtigde onder bewind stellen.

  2. 2

    De kantonrechter kan, onverminderd lid 1, voor zover de echtgenoot aan het vruchtgebruik, de omstandigheden in aanmerking genomen, voor zijn verzorging, daaronder begrepen de nakoming van de overeenkomstig artikel 35 lid 2 op hem rustende verplichtingen, geen behoefte heeft: a.op verzoek van een rechthebbende de verplichting tot medewerking aan de vestiging van het vruchtgebruik opheffen, of b.op verzoek van een hoofdgerechtigde het vruchtgebruik beëindigen.

  3. 3

    De andere rechthebbenden worden in het geding geroepen. Bij zijn beschikking kan de kantonrechter nadere regelingen treffen.

  4. 4

    Een rechthebbende kan te allen tijde, ter afwering van een vordering of andere rechtsmaatregel, gericht op de nakoming van een verplichting tot medewerking aan de vestiging van het vruchtgebruik, een beroep in rechte doen op de in lid 2 genoemde grond voor opheffing van die verplichting.

  5. 5

    De kantonrechter houdt bij de toepassing van lid 2 in ieder geval rekening met: a.de leeftijd van de echtgenoot; b.de samenstelling van de huishouding waartoe de echtgenoot behoort; c.de mogelijkheden van de echtgenoot om zelf in de verzorging te voorzien door middel van arbeid, pensioen, eigen vermogen dan wel andere middelen of voorzieningen; d.hetgeen in de gegeven omstandigheden als een passend verzorgingsniveau voor de echtgenoot kan worden beschouwd.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2025:935Parket bij de Hoge Raad, 5 september 2025 (civiel recht)

    Erfrecht. Uitleg van vervaltermijn in art. 4:216 BW. Peilmoment voor beoordeling gift (art. 7:188 BW) i.v.m. vermindering van uitkering (art. 4:120 lid 2 jo. art. 4:126 lid 2 sub b BW).

  • ECLI:NL:HR:2025:511Hoge Raad, 4 april 2025 (burgerlijk procesrecht)

    Cassatie in het belang der wet. Erfrecht. Procesrecht. Moeten zaken strekkend tot verkrijging veroordeling tot medewerking aan vestiging vruchtgebruik o.g.v. art. 4:29 lid 1 BW of art. 4:30 lid 1 BW…

  • ECLI:NL:PHR:2024:1129Parket bij de Hoge Raad, 25 oktober 2024 (personen- en familierecht)

    Cassatie in het belang der wet. Wie is bevoegd om te oordelen over art. 4:29 en 4:30 BW-aanspraken, de kantonrechter of de kamer voor andere zaken dan kantonzaken van de rechtbank? Wordt een…

  • ECLI:NL:PHR:2013:BX9831Parket bij de Hoge Raad, 11 januari 2013 (civiel recht)

    Erfrecht. Verzoek tot vestiging vruchtgebruik op de voet van art. 4:30 lid 6 BW. Uitleg verzoek; grenzen rechtsstrijd; art. 23, 24, 149 Rv. Klachten deels verworpen met toepassing van art. 81 lid 1…

  • ECLI:NL:RBOVE:2026:5634Rechtbank Overijssel, 7 september 2026 (civiel recht)

    Dochter moet meewerken aan de vestiging van vruchtgebruik op de woning en inboedel ten behoeve van moeder.

  • ECLI:NL:RBNHO:2026:413Rechtbank Noord-Holland, 21 januari 2026 (civiel recht)

    Eisers zijn de kinderen van erflater. Erflater was bij zijn overlijden gehuwd met gedaagde. Erflater en gedaagde waren gemeenschappelijk eigenaar van een molen, waarin ook een Bed & Breakfast werd…

  • ECLI:NL:RBROT:2025:13013Rechtbank Rotterdam, 6 november 2025 (civiel recht)

    Erfrecht. Artikel 4:33, tweede lid, aanhef en onder a, BW. Verzoek toegewezen tot het opheffen van de verplichting tot medewerking aan de vestiging van een vruchtgebruik. Verzoek niet-ontvankelijk…

  • ECLI:NL:GHSHE:2024:3499Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 7 november 2024 (civiel recht)

    erfrecht / beëindiging vruchtgebruik artikel 4:29 BW op de woning nu appellante daaraan voor haar verzorging geen behoefte heeft gelet op haar inkomen, spaargeld en het aandeel in de woning / niet is…

27 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.