Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen

WIA

Huidige tekst

Artikel 62 WIA

Geldt sinds 1 juli 2013

De hoogte van de vervolguitkering van de WGA-uitkering 1 De vervolguitkering van de WGA-uitkering bedraagt per kalendermaand: G × H waarbij: G staat voor het uitkeringspercentage, bedoeld in artikel 61, zesde lid; en H staat voor het minimumloon per maand of het maandloon in het geval het minimumloon per maand hoger is dan het maandloon. Indien niet over een volledige kalendermaand recht op een uitkering bestaat bedraagt het minimumloon, bedoeld in de eerste zin, de uitkomst van het aantal dagen in de desbetreffende kalendermaand waarover recht op een uitkering bestaat gedeeld door het totaal aantal dagen in de desbetreffende kalendermaand vermenigvuldigd met het minimumloon. Bij het bepalen van het aantal dagen worden de zaterdagen en zondagen buiten beschouwing gelaten. 2 De vervolguitkering bedraagt voor een verzekerde die woont buiten Nederland, een van de andere lidstaten van de Europese Unie, een andere staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte en Zwitserland, een bij ministeriële regeling vastgesteld percentage van het op grond van het eerste lid vastgestelde bedrag. Het percentage wordt zo bepaald dat het een weergave is van de verhouding tussen het kostenniveau van het land waar de verzekerde woonachtig is en dat van Nederland. Het percentage bedraagt maximaal 100. 3 Voor de toepassing van de Toeslagenwet ten aanzien van de verzekerde, bedoeld in het tweede lid, bedraagt het minimumloon het op grond van het tweede lid op hem van toepassing zijnde percentage van het minimumloon, bedoeld in die wet. Ten aanzien van die verzekerde worden de bedragen, genoemd in de artikelen 2 en 8 van de Toeslagenwet, vastgesteld op het in de eerste zin bedoelde percentage van deze bedragen. 4 Artikel 61, zevende lid, is van overeenkomstige toepassing. 5 De hoogte van de vervolguitkering wordt voor de verzekerde: a.die na het ontstaan van recht op uitkering op grond van dit hoofdstuk ziek is geworden, en b.voor wie als gevolg van de toepassing van artikel 43, onderdeel a, onder 1° , geen tweede recht op een uitkering op grond van dit hoofdstuk ontstaat omdat de eerste dag van de wachttijd is gelegen op een dag dat al recht op een uitkering op grond van dit hoofdstuk bestaat of indien op die eerste dag het recht op een dergelijke uitkering herleeft; gedurende de periode dat, in het geval hij wel recht zou hebben gehad op een loongerelateerde uitkering en in het geval dat de hoogte van de loongerelateerde uitkering hoger zou zijn geweest dan de hoogte van de vervolguitkering zoals die op grond van het eerste tot en met vierde lid is vastgesteld, vastgesteld op de hoogte van die loongerelateerde uitkering.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:CRVB:2026:159Centrale Raad van Beroep, 18 februari 2026 (socialezekerheidsrecht)

    Weigering aanpassing WIA-dagloon. Hoger beroep slaagt. Appellant voldoet niet aan de voorwaarde van artikel 13a, lid 1 Wet WIA dat een tweede ziekte-uitval moet plaatsvinden na het ontstaan van een…

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:3555Rechtbank Den Haag, 9 februari 2026 (belastingrecht)

    Ten gevolge van een fusie zijn de werknemers Wet sociale werkvoorzieningen (Wsw’ers) in dienst getreden bij eiser. Voorafgaand aan de reorganisatie had eiser geen Wsw’ers in dienst. Bij het…

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:3577Rechtbank Den Haag, 9 februari 2026 (belastingrecht)

    Eiseres is verantwoordelijk voor de uitvoering van de Wet sociale Werkvoorzieningen (Wsw) in haar regio. Ten gevolge van een reorganisatie zijn de werknemers op grond van de Wsw (Wsw’ers) in dienst…

  • ECLI:NL:CRVB:2023:2220Centrale Raad van Beroep, 23 november 2023 (socialezekerheidsrecht)

    Aan appellante is per 26 februari 2021 een WIA-vervolguitkering toegekend, gebaseerd op een mate van arbeidsongeschiktheid van 65 tot 80%. Geen aanvulling op grond van de zogenaamde…

  • ECLI:NL:RBLIM:2022:6899Rechtbank Limburg, 9 september 2022 (bestuursrecht)

    Aan eiseres – werkzaam als zelfstandig kapster en vrijwillig verzekerd tegen arbeidsongeschiktheid – is een WIA-uitkering toegekend (80-100%, verzekerd dagloon € 60,-). Volgens het Uwv heeft eiseres…

  • ECLI:NL:RBZWB:2021:1416Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 19 maart 2021 (bestuursrecht)

    WIA

  • ECLI:NL:CRVB:2021:463Centrale Raad van Beroep, 4 maart 2021 (socialezekerheidsrecht)

    Zoals de rechtbank terecht heeft overwogen moet het begrip ‘bijzonder geval’ naar zijn aard restrictief worden uitgelegd. Op appellant rust de bewijslast van de aanwezigheid van een bijzonder geval.…

  • ECLI:NL:CRVB:2020:1261Centrale Raad van Beroep, 17 juni 2020 (socialezekerheidsrecht)

    Het Uwv heeft zich terecht gekeerd tegen het oordeel van de rechtbank over de toepasselijkheid van artikel 3:3, vijfde lid, van het AIB. Met het Uwv wordt geoordeeld dat in het geval van betrokkene…

22 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.