Vreemdelingenbesluit 2000

VB

Huidige tekst

Artikel 7.3 VB

Geldt sinds 12 juni 2026

  1. 1

    Overeenkomstig artikel 68, vijfde lid, onderdeel d, van de Procedureverordening wordt de vreemdeling niet uit Nederland verwijderd, totdat: a.de termijn ingevolge artikel 69, zesde lid, van de Wet, waarbinnen een verzoek om een voorlopige voorziening teneinde uitzetting te voorkomen moet worden ingediend, is verstreken; of b.uitspraak is gedaan op het verzoek om voorlopige voorziening, welk verzoek binnen de termijn, bedoeld in het eerste lid, was ingediend.

  2. 2

    In afwijking van het eerste lid, is het de vreemdeling in het geval van een volgend verzoek als bedoeld in artikel 55 van de Procedureverordening, onverminderd de eerbiediging van het beginsel van non-refoulement, niet toegestaan om in Nederland te blijven: a.indien het beroep wordt geacht louter te zijn ingesteld om de uitvoering van een terugkeerbesluit dat zou leiden tot spoedige verwijdering van de vreemdeling, te vertragen of te verhinderen; b.in de situaties bedoeld in artikel 56, onderdeel a en b van de Procedureverordening.

  3. 3

    Overeenkomstig artikel 43, derde lid, van de Asiel- en migratiebeheerverordening wordt de uitvoering van het overdrachtsbesluit opgeschort, totdat: a.de termijn ingevolge artikel 69, zevende lid, van de Wet, waarbinnen een eerste verzoek om een voorlopige voorziening teneinde de overdracht op te schorten moet worden ingediend, is verstreken; of b.uitspraak is gedaan op het eerste verzoek om een voorlopige voorziening, welk verzoek binnen de termijn, bedoeld in onderdeel a, was ingediend.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:28894Rechtbank Den Haag, 30 september 2026 (bestuursrecht)

    Prejudiciële vragen over de toepassing van artikel 43, derde lid, van de Asiel- en Migratiebeheerverordening (AMBV). Eiser heeft op 18 januari 2026 een asielaanvraag ingediend. De minister heeft de…

  • ECLI:NL:RVS:2026:5134Raad van State, 3 september 2026 (vreemdelingenrecht)

    Bij besluit van 15 juli 2026 heeft de minister van Asiel en Migratie betrokkene in vreemdelingenbewaring gesteld. Betrokkene heeft op 25 juni 2026 een aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel…

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:20766Rechtbank Den Haag, 24 juli 2026 (vreemdelingenrecht)

    Omzetting maatregel van bewaring op grond van 59b Vw naar 59 Vw was onjuist. De Terugkeerrichtlijn en jurisprudentie daarover blijft relevant. De beslissing op het verzoek om een voorlopige…

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:17897Rechtbank Den Haag, 30 juni 2026 (vreemdelingenrecht)

    Verzoek om een voorlopige voorziening. Asiel. Geen schorsende werking wegens te late indiening. Verzoek afgewezen.

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:18504Rechtbank Den Haag, 18 juni 2026 (vreemdelingenrecht)

    voorlopige voorziening hangende asiel. Verweerder heeft ten onrechte geen opschortende werking aan de voorlopige voorziening toegekend. Verzoeker valt niet onder artikel 3.1, tweede lid, onder e van…

  • ECLI:NL:RVS:2025:2925Raad van State, 1 juli 2025 (vreemdelingenrecht)

    Bij besluit van 18 januari 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie betrokkene een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd.

  • ECLI:NL:RBDHA:2025:1699Rechtbank Den Haag, 10 februari 2025 (vreemdelingenrecht)

    Bewaring eerste beroep, gegrond. Rechtmatig verblijf gedurende rechtsmiddelentermijn. Zicht op uitzetting naar Algerije.

  • ECLI:NL:RBDHA:2024:10129Rechtbank Den Haag, 1 juli 2024 (vreemdelingenrecht)

    vervolgberoep. 59b lid 1 ahf a en b. opgeheven. rechtmatig verblijf gedurende rechtsmiddelentermijn. termijn omzetten 48 uur. niet onrechtmatig. Niet prejudiciële vragen afwachten. Belangenafweging…

62 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.