Vreemdelingenbesluit 2000

VB

Huidige tekst

Artikel 3.18 VB

Geldt sinds 1 april 2001

De verblijfsvergunning, bedoeld in artikel 3.13, eerste lid, wordt verleend, indien de vreemdeling beschikt over een geldige machtiging tot voorlopig verblijf die overeenkomt met het verblijfsdoel waarvoor de verblijfsvergunning is aangevraagd of behoort tot één van de in artikel 17 van de Wet of in artikel 3.71, tweede lid, bedoelde categorieën.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:RBDHA:2025:27100Rechtbank Den Haag, 31 maart 2025 (vreemdelingenrecht)

    Aanvraag afgifte EU-verblijfsvergunning voor langdurig ingezetenen en verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd. Complete en zorgvuldige beoordeling. Mvv-vereiste. Hoorplicht. Belangen van het…

  • ECLI:NL:RBSGR:2011:BQ0453Rechtbank 's-Gravenhage, 31 maart 2011 (vreemdelingenrecht)

    Prejudiciële vragen / Aanvraag om verlening van een mvv, voor verblijf bij echtgenoot / basisexamen inburgering buitenland/ Artikel 7 Richtlijn 2003/86/EG van de Raad van de Europese Unie van 22…

  • ECLI:NL:RBSGR:2008:BD7189Rechtbank 's-Gravenhage, 15 juli 2008 (vreemdelingenrecht)

    Inburgeringsvereiste in het buitenland in het kader van gezinsvorming/gezinshereniging De rechtbank stelt vast dat artikel 3.13 van het Vb 2000 verplicht tot het verlenen van een verblijfsvergunning…

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.