Vreemdelingenbesluit 2000

VB

Huidige tekst

Artikel 3.74 VB

Geldt sinds 1 januari 2024

  1. 1

    De in artikel 16, eerste lid, onder c, van de Wet bedoelde middelen van bestaan zijn in ieder geval voldoende, indien de som van het loon, bedoeld in artikel 16 van de Wet financiering sociale verzekeringen, uit arbeid in loondienst, het bruto inkomen uit een inkomensvervangende uitkering krachtens een socialeverzekeringswet waarvoor premies zijn afgedragen, de bruto-winst uit arbeid als zelfstandige en het inkomen uit eigen vermogen ten minste gelijk is aan: a.het minimumloon, bedoeld in de artikelen 8, eerste lid, onder b, en 14, van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag, met inbegrip van de vakantiebijslag, bedoeld in artikel 15 van die wet; b.in bij ministeriële regeling aangewezen gevallen: 150 procent van het minimumloon, bedoeld in onderdeel a.

  2. 2

    De in artikel 16, eerste lid, onder c, van de Wet bedoelde middelen van bestaan zijn eveneens voldoende, indien het netto-inkomen ten minste gelijk is aan het normbedrag voor ho-studenten, bedoeld in de Wet studiefinanciering 2000, indien de vreemdeling in Nederland verblijft of wil verblijven voor studie.

  3. 3

    Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld over de voorgaande leden. Daarbij kunnen gevallen worden vastgesteld waarin de in artikel 16, eerste lid, onder c, van de Wet bedoelde middelen van bestaan voldoende zijn, indien het inkomen ten minste gelijk is aan een combinatie van de in het eerste en tweede lid genoemde normbedragen.

  4. 4

    De normbedragen, bedoeld in de voorgaande leden, worden door Onze Minister bekendgemaakt.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:RBAMS:2026:8759Rechtbank Amsterdam, 1 september 2026 (europees strafrecht)

    Pools executie-EAB. Afzien van weigeren t.a.v. artikel 12. Dubbele strafbaarheid. Niet voldaan aan eerste voorwaarde voor gelijkstelling. Evenredigheidsverweer. Overlevering toegestaan.

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:13568Rechtbank Den Haag, 20 mei 2026 (vreemdelingenrecht)

    .

  • ECLI:NL:RBDHA:2025:9248Rechtbank Den Haag, 21 mei 2025 (vreemdelingenrecht)

    8 EVRM, gezinshereniging, belangenafweging, peilmoment, toetsingsmoment, minderjarigheid. Het beroep is ongegrond.

  • ECLI:NL:RBDHA:2021:287Rechtbank Den Haag, 18 januari 2021 (vreemdelingenrecht)

    Aanvraag tot wijziging verblijfsdoel regulier; procesbelang na verkrijgen document ex art. 9 Vw; referente voldoet niet aan het inkomensvereiste; bruto SV-maandloon in 7 van de 12 maanden te laag…

  • ECLI:NL:RVS:2020:2940Raad van State, 10 december 2020 (vreemdelingenrecht)

    Bij besluit van 10 oktober 2018 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag om de vreemdeling een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen, afgewezen.

  • ECLI:NL:RBDHA:2020:8733Rechtbank Den Haag, 7 september 2020 (vreemdelingenrecht)

    aanvraag mvv om bij echtgenoot te verblijven, referente voldoet niet aan middelenvereiste, beroep op chakroun slaagt nie

  • ECLI:NL:RBDHA:2020:7591Rechtbank Den Haag, 10 augustus 2020 (vreemdelingenrecht)

    Machtiging voorlopig verblijf en artikel 8 EVRM. Terecht beroep op publieke kas meegenomen. Geen objectieve belemmering wegens psyschische klachten eiseres of haar partner. Belangenafweging. Beroep…

  • ECLI:NL:RVS:2019:2502Raad van State, 25 juli 2019 (bestuursrecht)

    Bij besluiten van 2 mei 2016 heeft de staatssecretaris een aanvraag van de vreemdeling om afgifte van een document als bedoeld in artikel 9, tweede lid, van de Vreemdelingenwet 2000 (hierna: de Vw…

58 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.