Vreemdelingenbesluit 2000

VB

Huidige tekst

Artikel 3.82 VB

Geldt sinds 1 maart 2016

  1. 1

    Indien de niet-tijdig ingediende aanvraag tot het wijzigen of het verlengen van de geldigheidsduur van de verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd naar het oordeel van Onze Minister is ontvangen binnen een redelijke termijn nadat het rechtmatig verblijf, bedoeld in artikel 8, onder a tot en met e, dan wel l, van de Wet, of als Nederlander, is geëindigd, zijn de artikelen 3.71, 3.77, 3.78 en 3.79 niet van toepassing en zijn de artikelen 3.86 en 3.87 van overeenkomstige toepassing.

  2. 2

    Het eerste lid is niet van toepassing, indien de vreemdeling: a.zijn hoofdverblijf buiten Nederland heeft gevestigd; b.onjuiste gegevens heeft verstrekt dan wel gegevens heeft achtergehouden, terwijl die gegevens tot afwijzing van de oorspronkelijke aanvraag tot het verlenen of verlengen zouden hebben geleid, of c.in Nederland wil verblijven voor het verrichten van seizoenarbeid of lerend werken.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:3080Rechtbank Den Haag, 3 februari 2026 (vreemdelingenrecht)

    Bezwaar tegen intrekking vtv kennelijk n-o, bezwaar te laat en geen verschoonbare redenen gebleken; ook afwijzing verlengingsaanvraag, niet binnen redelijke termijn verlenging gevraagd, afwijzing…

  • ECLI:NL:RBDHA:2023:5005Rechtbank Den Haag, 12 april 2023 (vreemdelingenrecht)

    Afwijzing aanvraag verlenging verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd. Aanvraag terecht behandeld als eerste aanvraag, omdat de verlengingsaanvraag niet tijdig is ingediend en er geen sprake…

  • ECLI:NL:RBDHA:2022:11946Rechtbank Den Haag, 12 augustus 2022 (vreemdelingenrecht)

    Verlenging geldigheidsduur verblijfsvergunning afgewezen, hoofdverblijf verplaatst. Verplaatsing hoofdverblijf niet onvrijwillig dus niet verschoonbaar. Beroep ongegrond, vovo afgewezen.

  • ECLI:NL:RBDHA:2021:3414Rechtbank Den Haag, 1 april 2021 (vreemdelingenrecht)

    Mvv-vereiste - artikel 8 EVRM familieleven met meerderjarige zoon – privéleven Eiseres heeft haar hoofdverblijf buiten Nederland verplaatst waardoor voor haar, ondanks dat zij eerder in het bezit was…

  • ECLI:NL:RBDHA:2019:10098Rechtbank Den Haag, 24 september 2019 (bestuursrecht)

    Een Nigeriaanse man is zijn verblijfsvergunning kwijt geraakt omdat hij te lang buiten Nederland heeft gewoond.

  • ECLI:NL:RBDHA:2018:8935Rechtbank Den Haag, 13 juli 2018 (bestuursrecht)

    Vw, verblijf bij partner, geen vrijstelling mvv-vereiste

  • ECLI:NL:RBAMS:2018:2219Rechtbank Amsterdam, 9 april 2018 (bestuursrecht)

    ‘Boete wegens niet tijdig inburgeren. Verblijfsvergunning is met terugwerkende kracht tot aan de ingangsdatum ingetrokken. De rechtbank is van oordeel dat de inburgeringsplicht is geëindigd en…

  • ECLI:NL:RBDHA:2017:7170Rechtbank Den Haag, 30 juni 2017 (vreemdelingenrecht)

    vovo hangende beroepen tegen afwijzing aanvraag vvr en irv - vovo afgewezen en met toepassing van 8:86 beslist op beroepen - beroepen ogg

32 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.