Wet op de loonbelasting 1964

LB

Huidige tekst

Artikel 13 LB

Geldt sinds 1 januari 2024

  1. 1

    Niet in geld genoten loon wordt in aanmerking genomen naar de waarde die daaraan in het economische verkeer kan worden toegekend, met dien verstande dat ingeval door een derde, niet zijnde een met de inhoudingsplichtige verbonden vennootschap, ter zake van het niet in geld genoten loon een bedrag aan de inhoudingsplichtige in rekening wordt gebracht, het door de derde in rekening gebrachte bedrag in aanmerking wordt genomen.

  2. 2

    Met betrekking tot niet in geld genoten loon in de vorm van verstrekkingen van branche-eigen producten van het bedrijf van de inhoudingsplichtige dan wel van het bedrijf van een met de inhoudingsplichtige verbonden vennootschap, wordt, in zoverre in afwijking van het eerste lid, steeds de waarde die daaraan in het economische verkeer kan worden toegekend in aanmerking genomen.

  3. 3

    Bij ministeriële regeling kunnen, in overeenstemming met Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, nadere regels worden gesteld op grond waarvan de waarde van het volgende niet in geld genoten loon op een lager bedrag kan worden gesteld dan het ingevolge de vorige leden in aanmerking te nemen bedrag: a.voorzieningen die geheel of gedeeltelijk gebruikt of verbruikt worden op een bij die ministeriële regeling aan te wijzen werkplek; b.het genot van een in het kader van de dienstbetrekking ter beschikking gestelde woning.

  4. 4

    De waarde van het rentevoordeel van een door de inhoudingsplichtige dan wel door een met de inhoudingsplichtige verbonden vennootschap aan de werknemer verstrekte geldlening ter zake van de aanschaf van een fiets, elektrische fiets of elektrische scooter wordt gesteld op nihil.

  5. 5

    Bij ministeriële regeling kunnen, in overeenstemming met Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, nadere regels worden gesteld met betrekking tot de waardering van aanspraken.

  6. 6

    De ingevolge de vorige leden in aanmerking te nemen waarde wordt verminderd met het bedrag dat de werknemer ter zake in rekening wordt gebracht, met dien verstande dat de aldus verminderde waarde ten minste op nihil wordt gesteld.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2025:946Parket bij de Hoge Raad, 9 september 2025 (strafrecht)

    Conclusie AG. Feitelijk leiding geven aan door vier uitzendbureaus doen van onjuiste en/of onvolledige aangiftes loonbelasting. Jaddoe-geval (feiten 1 en 2). De middelen over de vraag of sprake is…

  • ECLI:NL:HR:2024:745Hoge Raad, 24 mei 2024 (belastingrecht)

    Hersteld arrest zie ECLI:NL:HR:2024:1430 Art. 31a, lid 2, letter h, Wet LB 1964 jo. art. 8.4a, lid 1, letter a, URLB 2011 (tekst tot 2022); valt de verstrekking van gezonde lunchmaaltijden aan…

  • ECLI:NL:PHR:2023:449Parket bij de Hoge Raad, 21 april 2023 (belastingrecht)

    Art. 31a(2)(h) Wet LB; art. 8.4a(1)(a) URLB 2011. Valt verstrekking gezonde lunchmaaltijden in het kader van arbobeleid onder de gerichte vrijstelling voor arbovoorzieningen? Belanghebbende verstrekt…

  • ECLI:NL:PHR:2019:1218Parket bij de Hoge Raad, 26 november 2019 (belastingrecht)

    A-G Niessen heeft conclusie genomen in de zaak met nummer 19/01548. Het geschil betreft de heffing van inkomstenbelasting terzake van de afkoop van een vrijgesteld stamrecht in 2014 met toepassing…

  • ECLI:NL:GHARL:2026:5301Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 11 augustus 2026 (belastingrecht)

    LH Verstrekte reisfaciliteiten. Loon? Waardering. Concernregeling werkkostenregeling

  • ECLI:NL:RBGEL:2025:6931Rechtbank Gelderland, 20 augustus 2025 (socialezekerheidsrecht)

    Beroep tegen een definitieve vaststelling van een uitkering op grond van de Wet inkomensvoorziening oudere werklozen en een terugvordering en invordering van de te veel betaalde uitkering. Er is geen…

  • ECLI:NL:RBNHO:2021:11943Rechtbank Noord-Holland, 23 december 2021 (belastingrecht)

    Sprake van een nieuw feit; geen ambtelijk verzuim vanwege eerdere vaststellingsovereenkomst; geen sprake van een gecoördineerde actie door de inspecteur; inspecteur heeft gedwaald bij het afsluiten…

  • ECLI:NL:GHSHE:2020:838Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 5 maart 2020 (belastingrecht)

    Naar aanleiding van een boekenonderzoek heeft de inspecteur naheffingsaanslagen loonheffingen opgelegd en rente- en boetebeschikkingen gegeven. In geschil is of deze terecht zijn. De correctie…

132 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.