Wet op de loonbelasting 1964

LB

Huidige tekst

Artikel 11 LB

Geldt sinds 22 januari 2021

  1. 1

    Tot het loon behoren niet: a.vervallen; b.vervallen; c.aanspraken ingevolge een pensioenregeling, een en ander volgens de in of krachtens hoofdstuk IIB gestelde normeringen en beperkingen; d.aanspraken ingevolge een regeling voor vervroegde uittreding als bedoeld in artikel 32ba; e.aanspraken ingevolge de Ziektewet, de Wet arbeid en zorg, de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen, de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering en de Werkloosheidswet; f.aanspraken, die naar aard en strekking overeenkomen met aanspraken als bedoeld in onderdeel e; g.vervallen; h.aanspraken op uitkeringen wegens overlijden of invaliditeit ten gevolge van een ongeval; i.vervallen; j.bedragen die worden ingehouden: 1°. als bijdrage ingevolge een pensioenregeling; 2°. als bijdrage voor aanspraken die ingevolge de onderdelen f en h niet tot het loon behoren; 3°. in plaats van bijdragen als bedoeld onder 2°; k.uitkeringen en verstrekkingen tot vergoeding van door de werknemer in verband met zijn dienstbetrekking geleden schade aan of verlies van persoonlijke zaken; l.bij ministeriële regeling aan te wijzen voorzieningen voor militaire oorlogs- of dienstslachtoffers die verband houden met invaliditeit; m.eenmalige uitkeringen en verstrekkingen ter zake van overlijden van de werknemer, zijn partner in het kalenderjaar of in het voorafgaande kalenderjaar – in de zin van artikel 1.2 van de Wet inkomstenbelasting 2001, of zijn kinderen en pleegkinderen, voorzover deze uitkeringen en verstrekkingen niet overtreffen driemaal het loon over een maand bepaald met inachtneming van bij ministeriële regeling te stellen regels, alsmede aanspraken op de hiervoor bedoelde uitkeringen en verstrekkingen; n.uitkeringen en verstrekkingen, andere dan die ter zake van ziekte, invaliditeit, bevalling, adoptie en overlijden, die de werknemer ontvangt uit een fonds tot welks middelen de inhoudingsplichtige gedurende de laatstverlopen vijf kalenderjaren evenveel of minder heeft bijgedragen dan de bij het fonds betrokken werknemers, tenzij die uitkeringen en verstrekkingen geschieden ingevolge een aanspraak die niet tot het loon behoort; o.een uitkering of verstrekking die eenmaal wordt toegekend na het bereiken van een diensttijd van ten minste 25 jaar en een uitkering of verstrekking die eenmaal wordt toegekend na het bereiken van een diensttijd van ten minste 40 jaar, voor zover de waarde daarvan het loon over een maand niet overtreft, mits is voldaan aan bij ministeriële regeling te stellen voorwaarden; p.vervallen; q.vervallen; r.aanspraken: 1°. op vakantieverlof en compensatieverlof, voorzover deze aanspraken aan het einde van het kalenderjaar in totaal niet meer bedragen dan de arbeidsduur per week gerekend over een periode van honderd weken; 2°. op bij ministeriële regeling aan te wijzen geclausuleerd verlof; 3°. op verlof tijdens rust- en feestdagen. s. hetgeen wordt genoten ter zake van het verrichten van arbeid in de onderneming van de partner van de werknemer, indien bij het bepalen van de winst uit die onderneming de kosten en lasten die verband houden met de vergoeding voor die arbeid op grond van artikel 3.16, vierde lid, van de Wet inkomstenbelasting 2001 niet in aftrek komen; t. aanspraken op een transitievergoeding als bedoeld in artikel 673 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek.

  2. 2

    Bij of krachtens ministeriële regeling kan, in overeenstemming met Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, worden bepaald dat eveneens niet tot het loon behoren andere aanspraken dan bedoeld in het eerste lid, indien zulks tot vergemakkelijking van de heffing van de belasting kan leiden.

  3. 3

    Voorzover de aanspraken op vakantieverlof en compensatieverlof aan het einde van het kalenderjaar in totaal de in het eerste lid, onderdeel r, onder 1°, opgenomen begrenzingen overschrijden, wordt het meerdere geacht te zijn genoten bij het einde van het kalenderjaar of het einde van de dienstbetrekking zo deze in de loop van het kalenderjaar eindigt.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2024:1422Parket bij de Hoge Raad, 20 december 2024 (belastingrecht)

    Art. 10, 31, 31a, 32bb Wet LB. In hoeverre werkt de verruiming van het Wet LB-loonbegrip als gevolg van de invoering van de werkkostenregeling door naar het loonbegrip dat wordt gehanteerd in het…

  • ECLI:NL:HR:2024:667Hoge Raad, 26 april 2024 (belastingrecht)

    pensioenuitkeringen VN, ambtshalve vermindering, nieuwe jurisprudentie; artikel 45aa, letter b, Uitvoeringsregeling inkomstenbelasting 2001

  • ECLI:NL:PHR:2024:102Parket bij de Hoge Raad, 26 januari 2024 (belastingrecht)

    VN pensioenuitkeringen. Weigering van een ambtshalve vermindering. Is sprake van nieuwe jurisprudentie? Opeenvolgend overgangsrecht. Deze zaak gaat over nieuwe jurisprudentie. Preciezer geformuleerd…

  • ECLI:NL:PHR:2023:891Parket bij de Hoge Raad, 6 oktober 2023 (belastingrecht)

    Art. 1.7, 3.81 en 3.82 Wet IB 2001; art. 10, 11 en 19d Wet LB. Op grond van welke bepaling in de Wet IB 2001 worden uitkeringen ontvangen van de Deutsche Rentenversicherung in de heffing betrokken?…

  • ECLI:NL:RBGEL:2026:4483Rechtbank Gelderland, 5 juni 2026 (belastingrecht)

    IB/PVV 2023. Nabetaling in 2023 van Zw-uitkering die betrekking heeft op 2022 behoort in 2023 tot belastbaar inkomen. Beroep ongegrond.

  • ECLI:NL:GHDHA:2026:1895Gerechtshof Den Haag, 28 mei 2026 (belastingrecht)

    IB/PVV 2007 t/m 2016. Pensioenregeling ESA; tot 1 januari 1995 niet aan te merken als ‘onzuivere’ pensioenregeling; uitkeringen voor zover betrekking hebbend op aanspraken opgebouwd vóór 1 januari…

  • ECLI:NL:RBZWB:2026:3756Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 4 mei 2026 (belastingrecht)

    Navorderingsaanslag IB/PVV, nieuw feit, moment afwikkeling aanspraak. Beroep ongegrond.

  • ECLI:NL:RBNHO:2026:2217Rechtbank Noord-Holland, 27 februari 2026 (belastingrecht)

    Beroep ongegrond. Inkomstenbelasting. Is het [Organisatie]-ouderdomspensioen aan te merken als een zuivere pensioenregeling? De rechtbank komt tot het oordeel dat er sprake is van een zuivere…

238 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.