Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering

WAO

Huidige tekst

Artikel 40 WAO

Geldt sinds 1 juli 2013

  1. 1

    Het dagloon van de verzekerde, bedoeld in artikel 19aa, wordt met ingang van de dag waarop het tweede recht op arbeidsongeschiktheidsuitkering zou zijn ontstaan opnieuw vastgesteld overeenkomstig het bepaalde bij of krachtens artikel 14, mits dat leidt tot een hoger dagloon dan het dagloon dat voor de berekening van de laatstelijk ontvangen loondervingsuitkering of vervolguitkering in aanmerking werd genomen. In afwijking van het bepaalde bij of krachtens artikel 14 wordt bij de dagloonvaststelling, bedoeld in de eerste zin, de arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van deze wet niet aangemerkt als loon.

  2. 2

    Voor de toepassing van het eerste lid wordt in artikel 14, eerste lid, in plaats van de woorden «voorafgaande aan het aangiftetijdvak waarin de arbeidsongeschiktheid is ingetreden» gelezen: voorafgaande aan het aangiftetijdvak waarin de arbeidsongeschiktheid is ontstaan waaruit het tweede recht op arbeidsongeschiktheiduitkering zou zijn ontstaan.

  3. 3

    Ingeval tijdens het ontvangen van een vervolguitkering ten aanzien van de verzekerde die na het ontstaan van recht op arbeidsongeschiktheidsuitkering ziek is geworden, als gevolg van de toepassing van artikel 19aa, geen tweede recht op arbeidsongeschiktheidsuitkering ontstaat wordt, met inachtneming van de tweede tot en met vierde zin, met ingang van de dag waarop het tweede recht op arbeidsongeschiktheidsuitkering zou zijn ontstaan, een loondervingsuitkering toegekend. Voor de duur van die loondervingsuitkering is, in afwijking van artikel 21a, de leeftijd van de betrokkene op de dag waarop het tweede recht op arbeidsongeschiktheidsuitkering zou zijn ontstaan bepalend. Toekenning van de loondervingsuitkering is slechts mogelijk indien de duur van die uitkering langer is dan de duur van de loondervingsuitkering waarop recht bestond onmiddellijk voorafgaande aan de datum van ingang van de vervolguitkering. De duur van de toe te kennen loondervingsuitkering wordt verminderd met de duur van de laatstelijk ontvangen loondervingsuitkering. Tijdens de duur van die loondervingsuitkering bestaat geen recht op vervolguitkering.

  4. 4

    Na afloop van de in het derde lid bedoelde loondervingsuitkering geldt voor de berekening van het vervolgdagloon, in afwijking van artikel 21b, derde lid, een percentage van 2 maal het aantal verstreken jaren tussen het 15e jaar en de leeftijd van de betrokkene op de dag van ingang van de herziening van de arbeidsongeschiktheidsuitkering.

  5. 5

    Bij ministeriële regeling kunnen met betrekking tot dit artikel nadere regels worden gesteld.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:CRVB:2026:1343Centrale Raad van Beroep, 7 oktober 2026 (socialezekerheidsrecht)

    Het Uwv heeft het dagloon van de toegekende WIA-uitkering terecht vastgesteld op € 98,58. Juiste referteperiode en aangiftetijdvak. Het Uwv heeft het dagloon overeenkomstig de artikelen 13 en 16 van…

  • ECLI:NL:CRVB:2026:159Centrale Raad van Beroep, 18 februari 2026 (socialezekerheidsrecht)

    Weigering aanpassing WIA-dagloon. Hoger beroep slaagt. Appellant voldoet niet aan de voorwaarde van artikel 13a, lid 1 Wet WIA dat een tweede ziekte-uitval moet plaatsvinden na het ontstaan van een…

  • ECLI:NL:CRVB:2025:1613Centrale Raad van Beroep, 29 oktober 2025 (socialezekerheidsrecht)

    Vaststelling hoogte WIA-dagloon. De referteperiode liep van 1 januari tot en met 31 december. Bij de berekening van het SV-loon ontstond een loonloos tijdvak doordat de WW-uitkering een maand…

  • ECLI:NL:CRVB:2025:1264Centrale Raad van Beroep, 21 augustus 2025 (socialezekerheidsrecht)

    De Raad doet uitspraak in de hoofdzaak. WAO-uitkering terecht niet met verdere terugwerkende kracht per 23 oktober 2002 toegekend. Zoals deze Raad eerder heeft geoordeeld, bijvoorbeeld in de…

  • ECLI:NL:CRVB:2025:606Centrale Raad van Beroep, 16 april 2025 (socialezekerheidsrecht)

    Terecht geen aanleiding gezien om terug te komen van de besluiten over het vastgestelde WAO-(vervolg)dagloon en het per 1 mei 2008 ingaan van de vervolguitkering. Terecht geoordeeld dat niet is…

  • ECLI:NL:RBNHO:2025:3189Rechtbank Noord-Holland, 18 maart 2025 (socialezekerheidsrecht)

    Vaststelling van de mate van arbeidsongeschiktheid in het kader van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO).

  • ECLI:NL:RBGEL:2025:394Rechtbank Gelderland, 23 januari 2025 (socialezekerheidsrecht)

    Vaststelling maandloon WIA (dagloon). Betrokkene heeft een periode minder gewerkt in verband met het volgen van een opleiding. Daags voor het ondertekenen van een arbeidscontract bij een andere…

  • ECLI:NL:RBMNE:2024:6990Rechtbank Midden-Nederland, 19 december 2024 (socialezekerheidsrecht)

    Evenredigheidstoets van artikel 40 WAO. In wat eiseres heeft aangevoerd wordt geen aanleiding gezien voor het oordeel dat zich in de situatie van eiseres dergelijke bijzondere omstandigheden…

76 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.