Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering

WAO

Huidige tekst

Artikel 44 WAO

Geldt sinds 11 december 2015

  1. 1

    Indien degene, die recht heeft op een arbeidsongeschiktheidsuitkering, inkomen geniet doordat hij arbeid is gaan verrichten, wordt die arbeid gedurende een aaneengesloten tijdvak van vijf jaar niet aangemerkt als arbeid als bedoeld in artikel 18, vijfde lid, en wordt de arbeidsongeschiktheidsuitkering niet ingetrokken of herzien, doch wordt de uitkering: a.niet uitbetaald indien het inkomen zodanig is, dat als die arbeid wel de in artikel 18, vijfde lid, bedoelde arbeid zou zijn, niet langer sprake zou zijn van een arbeidsongeschiktheid van ten minste 15%; of b.indien het bepaalde onder a niet van toepassing is, uitbetaald tot een bedrag ter grootte van de arbeidsongeschiktheidsuitkering, zoals deze zou zijn vastgesteld, indien die arbeid wel de in artikel 18, vijfde lid, bedoelde arbeid zou zijn. Na afloop van het in de aanhef genoemde tijdvak wordt de arbeid aangemerkt als arbeid als bedoeld in artikel 18, vijfde lid.

  2. 2

    Indien degene die recht heeft op een arbeidsongeschiktheidsuitkering in dienstbetrekking arbeid als bedoeld in het eerste lid verricht of heeft verricht, wordt het loon geacht te zijn genoten in het aangiftetijdvak waarover de werkgever of de inhoudingsplichtige van dat loon opgave heeft gedaan.

  3. 3

    Het in het eerste lid, aanhef, genoemde tijdvak van vijf jaar vangt aan op de eerste dag waarop het eerste lid, onderdeel a of b, is toegepast. Indien diegene die recht heeft op een arbeidsongeschiktheidsuitkering en ten aanzien van wie het eerste lid, onderdeel a of b, is toegepast andere arbeid gaat verrichten, dan vangt een nieuw tijdvak als bedoeld in het eerste lid aan op de eerste dag dat de arbeidsongeschiktheidsuitkering vanwege het verrichten van die andere arbeid wordt vastgesteld door toepassing van het eerste lid, onderdeel a of b.

  4. 4

    Indien op de laatste dag van het in het eerste lid genoemde tijdvak van vijf jaar inkomen wordt genoten, maar geen arbeid wordt verricht, wordt dit tijdvak verlengd tot en met de laatste dag waarop dat inkomen wordt genoten.

  5. 5

    Indien degene, die recht heeft op een arbeidsongeschiktheidsuitkering, inkomen geniet, dat bestaat uit loon ingevolge een arbeidsovereenkomst als bedoeld in de hoofdstukken 2 en 3 van de Wet sociale werkvoorziening, is het eerste lid voor onbeperkte duur van toepassing.

  6. 6

    Onze Minister kan bepalen dat het eerste lid voor onbeperkte duur toepassing vindt ten aanzien van bepaalde groepen personen.

  7. 7

    Bij ministeriële regeling worden regels gesteld met betrekking tot het eerste lid. Deze regels hebben in elk geval betrekking op de gevallen waarin het eerste lid buiten toepassing blijft.

  8. 8

    Bij ministeriële regeling wordt bepaald wat onder inkomen en loon als bedoeld in dit artikel wordt verstaan. Daarbij kan tevens worden bepaald dat nader te bepalen inkomen dat gedeeltelijk, niet, of niet langer wordt genoten als gevolg van gewijzigde omstandigheden of enig handelen of nalaten van betrokkene in aanmerking wordt genomen alsof het wel volledig wordt genoten.

  9. 9

    Bij de bepaling van de mate van arbeidsongeschiktheid, bedoeld in het eerste lid, kan loon niet meer dan eenmaal in aanmerking worden genomen.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2016:47Parket bij de Hoge Raad, 29 januari 2016 (civiel recht)

    Art. 81 lid 1 RO. Aansprakelijkheid advocaat voor niet-tijdige betaling griffierecht. Geen schade

  • ECLI:NL:HR:2007:BA9219Hoge Raad, 13 juli 2007 (belastingrecht)

    Beperkt cassatieberoep.

  • ECLI:NL:CRVB:2026:1330Centrale Raad van Beroep, 8 oktober 2026 (socialezekerheidsrecht)

    Verrekening, intrekking en terugvordering toeslag en WAO-uitkering. Appellante heeft in strijd met haar inlichtingenplicht niet aan het Uwv doorgegeven dat zij inkomsten had uit werk als…

  • ECLI:NL:CRVB:2026:1307Centrale Raad van Beroep, 30 september 2026 (socialezekerheidsrecht)

    Terugvordering WAO-uitkering. Inkomsten uit drugshandel terecht op uitkering in mindering gebracht. Indeling in lagere arbeidsongeschiktheidsklasse. Geen sprake van verjaring. Geen dringende reden om…

  • ECLI:NL:CRVB:2026:1049Centrale Raad van Beroep, 5 augustus 2026 (socialezekerheidsrecht)

    Verlaging en terugvordering WAO-uitkering. Betrokkene heeft werkzaamheden verricht als zelfstandige en daar inkomsten uit ontvangen. Het Uwv heeft de WAO-uitkering van betrokkene over de periode van…

  • ECLI:NL:RBOBR:2026:4607Rechtbank Oost-Brabant, 29 juni 2026 (socialezekerheidsrecht)

    Artikel 44 van de WAO, artikel 11, eerste lid, aanhef en onder o, van de Wet op de loonbelasting 1964, terugvordering: de financiële verstrekking van de werkgever is niet aan eiser gegeven vanwege…

  • ECLI:NL:CRVB:2026:497Centrale Raad van Beroep, 23 april 2026 (socialezekerheidsrecht)

    Inkomsten uit arbeid in mindering gebracht op WAO-uitkering. Kortingsartikel 44 WAO. Voldoende aannemelijk dat in beoordelingsperiode werkzaamheden zijn verricht die als loonvormende arbeid kunnen…

  • ECLI:NL:RBMNE:2026:1785Rechtbank Midden-Nederland, 17 april 2026 (socialezekerheidsrecht)

    Het Uwv heeft terecht vastgesteld dat de WAO-uitkering van eiseres niet kan worden uitbetaald vanwege de hoogte van haar inkomsten als zelfstandige. Voor het berekenen van het inkomen als…

869 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.