Participatiewet

Pw

Huidige tekst

Artikel 33 Pw

Geldt sinds 1 januari 2026

Bijzonder inkomen en onbetaalde mantelzorg 1 Indien inkomen in natura in aanmerking wordt genomen wordt de waarde daarvan vastgesteld op het daarvoor door belanghebbende opgeofferde bedrag. 2 Het inkomen uit studiefinanciering op grond van de Wet studiefinanciering 2000 wordt in aanmerking genomen naar het van toepassing zijnde normbedrag voor de kosten van levensonderhoud, genoemd in artikel 3.18 van de Wet studiefinanciering 2000 en, indien een toeslag als bedoeld in artikel 3.5 van die wet is toegekend, het bedrag aan toeslag, genoemd in artikel 3.18 van die wet. 3 De tegemoetkoming in de onderwijsbijdrage en de schoolkosten op grond van hoofdstuk 4 van de Wet tegemoetkoming onderwijsbijdrage en schoolkosten wordt in aanmerking genomen naar het normbedrag voor de basistoelage, bedoeld in artikel 4.3 van die wet. 4 Indien de belanghebbende de woning bewoont met een of meer huurders, onderhuurders of kostgangers, worden de daaruit voortvloeiende lagere algemene noodzakelijke kosten van het bestaan als inkomen in aanmerking genomen indien daarmee nog geen rekening is gehouden bij de vaststelling van de norm, bedoeld in artikel 22a. 5 Indien de alleenstaande, de alleenstaande ouder of een van de echtgenoten de pensioengerechtigde leeftijd heeft bereikt, wordt voor de vaststelling van de hoogte van de algemene bijstand een in de vorm van een periodieke uitkering ontvangen particuliere oudedagsvoorziening buiten beschouwing gelaten tot een bedrag van: a.voor een alleenstaande en een alleenstaande ouder: € 26,50 per kalendermaand; b.voor de gehuwden tezamen: € 53,00 per kalendermaand. 6 Indien de belanghebbende onbetaalde mantelzorg verleent, wordt voor de vaststelling van de hoogte van de algemene bijstand het verlenen van deze zorg niet beschouwd als op loon te waarderen arbeid.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2015:154Parket bij de Hoge Raad, 26 februari 2015 (belastingrecht)

    Belanghebbende heeft bij de aangifte IB/PVV voor het jaar 2009 een bedrag van € 4.200 ter zake van uitgaven voor levensonderhoud van zijn, op 17 juni 1982 geboren, studerende zoon in aftrek gebracht.…

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:5764Rechtbank Den Haag, 14 januari 2026 (socialezekerheidsrecht)

    Pw, energietoeslag 2022, eiseres behoort niet tot de doelgroep op basis van het beleid van verweerder, deze afwijzingsgrond houdt geen stand, beroep gegrond.

  • ECLI:NL:CRVB:2025:1595Centrale Raad van Beroep, 21 oktober 2025 (socialezekerheidsrecht)

    Afwijzing aanvraag. Eenmalige energietoeslag 2022. Beleidsregels. Te hoog inkomen. Geen geslaagd beroep op hardheidsclausule en evenredigheidsbeginsel. Nader besluit. Niet in geschil is dat het…

  • ECLI:NL:RBDHA:2025:15568Rechtbank Den Haag, 5 augustus 2025 (socialezekerheidsrecht)

    Pw. Beroep ongegrond. Aanvraag energietoeslag terecht afgewezen. Eiser heeft inkomen boven de norm.

  • ECLI:NL:RBDHA:2025:6795Rechtbank Den Haag, 17 april 2025 (socialezekerheidsrecht)

    Pw. Eenmalige energietoeslag. Leidse studenten. Inkomen boven de 120 % van de norm.

  • ECLI:NL:RBDHA:2025:6796Rechtbank Den Haag, 17 april 2025 (socialezekerheidsrecht)

    Pw. Eenmalige energietoeslag. Leidse studenten. Inkomen boven 120 % van de norm.

  • ECLI:NL:RBDHA:2025:6799Rechtbank Den Haag, 17 april 2025 (socialezekerheidsrecht)

    Pw. Eenmalige energietoeslag. Leidse studenten. Inkomen boven 120 % van de norm.

  • ECLI:NL:RBDHA:2025:6173Rechtbank Den Haag, 4 april 2025 (bestuursrecht)

    Afwijzing aanvraag eenmalige energietoeslag 2022, gemiddeld maandinkomen in de referteperiode hoger dan de gehanteerde norm, beroep ongegrond.

94 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.