Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg

Wvggz

Huidige tekst

Artikel 5:18 Wvggz

Geldt sinds 1 januari 2020

  1. 1

    Indien de officier van justitie van oordeel is dat niet is voldaan aan de criteria voor verplichte zorg en besluit geen verzoekschrift voor een zorgmachtiging in te dienen, kan de aanvrager, bedoeld in artikel 5:3, binnen veertien dagen nadat de beslissing van de officier van justitie aan hem is meegedeeld, bij de officier van justitie schriftelijk en gemotiveerd een aanvraag indienen alsnog een verzoekschrift voor een zorgmachtiging bij de rechter in te dienen.

  2. 2

    Degene die de melding heeft gedaan als bedoeld in artikel 5:2, vijfde lid, kan in de situatie, bedoeld in artikel 5:16, tweede lid, tweede volzin, binnen veertien dagen nadat hij bericht heeft ontvangen van het college van burgemeester en wethouders, bij de officier van justitie schriftelijk en gemotiveerd een aanvraag indienen alsnog een verzoekschrift voor een zorgmachtiging bij de rechter in te dienen.

  3. 3

    Indien uit de medische verklaring blijkt dat de psychische stoornis van betrokkene noodzaakt tot verplichte zorg en de aanvraag, bedoeld in het eerste of tweede lid, voldoende gemotiveerd is, dient de officier van justitie alsnog een verzoekschrift voor een zorgmachtiging bij de rechter in. De officier van justitie voegt de gemotiveerde aanvraag, bedoeld in het eerste lid of tweede lid, de medische verklaring, de gegevens, bedoeld in artikel 5:4, eerste lid, onderdelen b en c, voor zover aanwezig het plan, bedoeld in artikel 5:5, eerste lid, en het zorgplan alsmede de zorgkaart bij het verzoekschrift voor een zorgmachtiging. Artikel 5:17, zesde lid, is van overeenkomstige toepassing.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2021:144Parket bij de Hoge Raad, 12 februari 2021 (civiel recht)

    Wet forensische zorg (Wfz), Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz). Kan strafrechter ambtshalve een zorgmachtiging verlenen (art. 2.3 lid 1 Wfz in verbinding met art. 6:5 Wvggz) nadat…

  • ECLI:NL:PHR:2020:675Parket bij de Hoge Raad, 30 juni 2020 (civiel recht)

    Wet verplichte ggz. Is, na een machtiging voortzetting IBS krachtens overgangsrecht, het nemen van een (nieuwe) crisismaatregel, gevolgd door een machtiging tot voortzetting daarvan, mogelijk?

  • ECLI:NL:RBROT:2021:11442Rechtbank Rotterdam, 4 november 2021 (personen- en familierecht)

    Schadevergoeding als bedoeld in artikel 10:12 lid 3 van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg. Termijnoverschreiding, verwijtbaarheid en schadevergoeding.

  • ECLI:NL:RBAMS:2020:3342Rechtbank Amsterdam, 9 juli 2020 (strafrecht)

    Het Openbaar Ministerie heeft de voorbereiding van een verzoekschrift voor een zorgmachtiging beëindigd omdat uit een aan de officier van justitie verstrekte medische verklaring, het zorgplan en de…

  • ECLI:NL:RBAMS:2020:3343Rechtbank Amsterdam, 9 juli 2020 (strafrecht)

    Vrijspraak voor het bedreigen met een mes van twee politieagenten op 1 december 2019 op het Rokin te Amsterdam. Ontvankelijkheid van het Openbaar Ministerie. Het Openbaar Ministerie heeft de…

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.