Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg

Wvggz

Huidige tekst

Artikel 15:1 Wvggz

Geldt sinds 1 januari 2020

  1. 1

    De Wet bijzondere opnemingen in psychiatrische ziekenhuizen blijft van toepassing op: a.verzoeken die krachtens die wet zijn ingediend en die strekken tot het verkrijgen van een beslissing door de rechter, de officier, de inspecteur, de geneesheer-directeur of de commissie, bedoeld in artikel 41, tweede lid, van die wet; b.de vóór het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet aangevangen voorbereiding van een last tot inbewaringstelling door de burgemeester, bedoeld in artikel 20 van die wet; c.een beslissing als bedoeld in de onderdelen a of b die vóór het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet is genomen; d.een beslissing die met toepassing van de onderdelen a of b na het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet is genomen; e.gedragingen alsmede beslissingen, anders dan bedoeld in de onderdelen c en d, ten aanzien van een persoon waarvoor een machtiging of last tot inbewaringstelling als bedoeld in die wet geldt; f.de vóór het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet door de rechter gelaste plaatsingen op grond van artikel 37, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht, waarvan de geldigheidsduur op het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet nog niet is verstreken. Artikel 14:4, onderdeel E, onder a, van deze wet heeft geen gevolgen voor deze plaatsingen. Artikel 37, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht, zoals dit luidde voor de inwerkingtreding van deze wet, blijft in deze gevallen van toepassing.

  2. 2

    In afwijking van het eerste lid, onderdelen c en d, vervalt een machtiging als bedoeld in de artikelen 2, eerste lid, 14a, eerste lid, 14d, tweede lid, 15, eerste lid, 32, eerste lid, en 34f, eerste lid, van de Wet bijzondere opnemingen in psychiatrische ziekenhuizen uiterlijk twaalf maanden na inwerkingtreding van deze wet.

  3. 3

    Een krachtens de Wet bijzondere opnemingen in psychiatrische ziekenhuizen verleende last tot inbewaringstelling, waarvan de geldigheidsduur op het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet nog niet is verstreken, wordt voor de toepassing van hoofdstuk 7, paragraaf 5, aangemerkt als een crisismaatregel.

  4. 4

    Een krachtens de Wet bijzondere opnemingen in psychiatrische ziekenhuizen verleende machtiging tot voortzetting van de inbewaringstelling, waarvan de geldigheidsduur op het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet nog niet is verstreken, wordt voor de toepassing van hoofdstuk 7, paragraaf 6, aangemerkt als een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2023:465Parket bij de Hoge Raad, 2 mei 2023 (personen- en familierecht)

    Wvggz. Zorgmachtiging voor duur van twee jaar (art. 6:5, aanhef en onder c, Wvggz). Is voldaan aan vereiste dat betrokkene afgelopen vijf jaar aaneengesloten gedwongen zorg heeft ontvangen? Nawerking…

  • ECLI:NL:PHR:2023:460Parket bij de Hoge Raad, 21 april 2023 (personen- en familierecht)

    Gezondheidsrecht. Welke klachtenprocedure is in dit geval van toepassing: die in hoofdstuk 3 van de Wet kwaliteit, klachten en geschillen gezondheidszorg (Wkkgz) of die in hoofdstuk 10 van de Wet…

  • ECLI:NL:HR:2023:564Hoge Raad, 14 april 2023 (civiel recht)

    Wvggz. Zorgmachtiging. Art. 6:5 Wvggz. Zorgmachtiging voor duur van twee jaar (art. 6:5, aanhef en onder c, Wvggz). Is voldaan aan vereiste dat betrokkene afgelopen vijf jaar aaneengesloten gedwongen…

  • ECLI:NL:HR:2021:845Hoge Raad, 29 juni 2021 (strafrecht)

    Ontslag van alle rechtsvervolging van verdachte met schizofreniestoornis t.z.v. belaging van stiefvader (art. 285b.1 Sr) en bedreiging van moeder (art. 285.1 Sr). Maatregel plaatsing in psychiatrisch…

  • ECLI:NL:PHR:2021:179Parket bij de Hoge Raad, 2 maart 2021 (strafrecht)

    Conclusie AG. Een van de middelen betreft de vraag of sprake is van een wijziging van toepasselijke regels van sanctierecht die ten voordele van de verdachte werkt, nu art. 37 (oud) Sr per 1 januari…

  • ECLI:NL:PHR:2020:1149Parket bij de Hoge Raad, 27 november 2020 (civiel recht)

    Wvggz. Zorgmachtiging. Art. 6:4 Wvggz. Rechtbank heeft in zorgmachtiging een vorm van verplichte zorg opgenomen ('insluiten'), waar de officier van justitie niet om had verzocht. Klachten over de…

  • ECLI:NL:HR:2020:1808Hoge Raad, 20 november 2020 (civiel recht)

    Wvggz. Beroep tegen crisismaatregel (art. 7:6 Wvggz). Wie is procespartij in beroep tegen crisismaatregel? Ontvankelijkheid cassatieberoep tegen crisismaatregel. Ontvankelijkheid cassatieberoep tegen…

  • ECLI:NL:PHR:2020:872Parket bij de Hoge Raad, 4 september 2020 (civiel recht)

    Art. 81 lid 1 RO. Wet Bopz. Vervolg op HR 6 maart 2020, ECLI:NL:HR:2020:390. Voorlopige machtiging.

35 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.