Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg

Wvggz

Huidige tekst

Artikel 5:16 Wvggz

Geldt sinds 1 januari 2020

  1. 1

    Na de schriftelijke mededeling, bedoeld in artikel 5:4, tweede lid, onderdeel a, deelt de officier van justitie zijn schriftelijke en gemotiveerde beslissing of voldaan is aan de criteria voor verplichte zorg zo spoedig mogelijk, maar uiterlijk binnen vier weken, mee aan betrokkene, de vertegenwoordiger, de advocaat, de geneesheer-directeur, de zorgaanbieder en de zorgverantwoordelijke, alsmede in voorkomend geval aan de aanvrager, bedoeld in artikel 5:3. Indien toepassing is gegeven aan het bepaalde in artikel 5:5, vijfde lid, geldt hiervoor een termijn van uiterlijk zes weken.

  2. 2

    Indien de aanvrager, bedoeld in artikel 5:3, het college van burgemeester en wethouders is, stelt het college zo spoedig mogelijk degene die de melding heeft gedaan als bedoeld in artikel 5:2, vijfde lid, van de gemotiveerde beslissing van de officier van justitie schriftelijk op de hoogte. In de situatie dat de officier van justitie van oordeel is dat niet is voldaan aan de criteria voor verplichte zorg en het college dit oordeel deelt, deelt het college dit hierbij tevens schriftelijk mede.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2026:724Parket bij de Hoge Raad, 10 juli 2026 (personen- en familierecht)

    Wvggz. Zorgmachtiging. Maximale duur vormen van verplichte zorg; motiveringseisen (art. 5:17 Wvggz). Onafhankelijkheid psychiater van zorgaanbieder (art. 5.7 Wvggz). Ondertekening medische…

  • ECLI:NL:HR:2023:504Hoge Raad, 31 maart 2023 (civiel recht)

    Wvggz. Overschrijding termijn voor mededeling beslissing of is voldaan aan criteria voor verplichte zorg, art. 5:16 lid 1 Wvggz in verbinding met art. 5:4 lid 2, onder a, Wvggz. Verzoek om…

  • ECLI:NL:PHR:2022:1243Parket bij de Hoge Raad, 23 december 2022 (personen- en familierecht)

    Schadevergoeding, art. 10:12 lid 3 Wvggz, vrijwillige zorg

  • ECLI:NL:PHR:2021:1068Parket bij de Hoge Raad, 9 november 2021 (civiel recht)

    Wvggz. Zijn de artt. 30p en 30q Rv, en art. 5 lid 1 onder e EVRM geschonden nu OvJ niet op mondelinge behandeling is verschenen en kennisgeving mondelinge uitspraak niet de gronden van de beslissing…

  • ECLI:NL:RBOVE:2026:4617Rechtbank Overijssel, 16 juli 2026 (personen- en familierecht)

    Schadevergoeding op grond van artikel 10:12 lid 3 Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz). Schriftelijke afdoening verzoekschrift, nu partijen overeenstemming hebben bereikt over de hoogte…

  • ECLI:NL:RBZWB:2026:7323Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 7 juli 2026 (personen- en familierecht)

    Toewijzing ZM 12 maanden - in aanvulling op verzoekschrift ook het verrichten van medische controles

  • ECLI:NL:RBZWB:2026:5970Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 3 juni 2026 (personen- en familierecht)

    Zorgmachtiging op zorgmachtiging verleend voor de duur van twaalf maanden, geheel voorwaardelijk

  • ECLI:NL:RBAMS:2025:9340Rechtbank Amsterdam, 14 november 2025 (personen- en familierecht)

    Namens betrokkene is ter zitting verzocht de OvJ niet-ontvankelijk te verklaren. Rechtbank verwerpt verweer. Wel sprake van termijnoverschrijding vus toegewezen voor zes maanden ipv 12 maanden.

79 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.