Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg

Wvggz

Huidige tekst

Artikel 5:14 Wvggz

Geldt sinds 1 januari 2020

  1. 1

    Het zorgplan vermeldt in elk geval: a.een door de zorgverantwoordelijke gestelde diagnose van de psychische stoornis van betrokkene en het gedrag dat voortvloeit uit de psychische stoornis en leidt tot een ernstig nadeel; b.de zorg die noodzakelijk is om het ernstig nadeel weg te nemen; c.het doel van verplichte zorg; d.de wijze waarop rekening wordt gehouden met de voorkeuren van betrokkene ten aanzien van de zorg, zoals vastgelegd op de zorgkaart inclusief de bijlagen; e.de zienswijze en de contactgegevens van de personen, bedoeld in artikel 5:13, vierde lid; f.de maximale duur van de afzonderlijke vormen van verplichte zorg; g.de wijze waarop de zorgaanbieder en de geneesheer-directeur de kwaliteit van de verplichte zorg bewaken en toezicht houden op de uitvoering van de verplichte zorg in ambulante omstandigheden; h.de essentiële voorwaarden voor deelname aan het maatschappelijk leven van betrokkene, voor zover deze ontbreken; i.de frequentie waarmee en de omstandigheden waaronder het zorgplan en de subsidiariteit, proportionaliteit, effectiviteit en veiligheid van de verplichte zorg met betrokkene, de vertegenwoordiger, alsmede het familielid of de naaste en de patiëntenvertrouwenspersoon worden geëvalueerd en het zorgplan wordt geactualiseerd; j.de zorgaanbieder die kan worden belast met de uitvoering van de zorgmachtiging, en zo nodig de accommodatie.

  2. 2

    Indien de zorgverantwoordelijke van oordeel is dat niet is voldaan aan de criteria voor verplichte zorg, vermeldt hij de redenen daarvan in het zorgplan en zo mogelijk: a.de mogelijkheden voor zorg op basis van vrijwilligheid; b.minder bezwarende alternatieven met het beoogde effect.

  3. 3

    Indien de zorgverantwoordelijke en betrokkene of de vertegenwoordiger niet tot overeenstemming komen, vermeldt het zorgplan de redenen daarvoor.

  4. 4

    Indien de zorgverantwoordelijke van oordeel is dat gelet op de noodzakelijke zorg een andere zorgaanbieder dan degene onder wiens verantwoordelijkheid de zorgmachtiging wordt voorbereid, belast zou moeten worden met de uitvoering van de zorgmachtiging, pleegt hij hiertoe overleg met de geneesheer-directeur en de beoogde zorgaanbieder.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2026:724Parket bij de Hoge Raad, 10 juli 2026 (personen- en familierecht)

    Wvggz. Zorgmachtiging. Maximale duur vormen van verplichte zorg; motiveringseisen (art. 5:17 Wvggz). Onafhankelijkheid psychiater van zorgaanbieder (art. 5.7 Wvggz). Ondertekening medische…

  • ECLI:NL:PHR:2025:1306Parket bij de Hoge Raad, 28 november 2025 (personen- en familierecht)

    Wvggz. Wijziging zorgmachtiging. Overschrijding van termijnen van art. 8:12 Wvggz. Blanco zorgkaart actualiseren? Gebrekkige aanvullende medische verklaring?

  • ECLI:NL:PHR:2024:1187Parket bij de Hoge Raad, 8 november 2024 (personen- en familierecht)

    Wvggz. Zorgmachtiging. Vermoeden of diagnose van psychische stoornis?

  • ECLI:NL:HR:2023:1732Hoge Raad, 8 december 2023 (civiel recht)

    Wvggz. Klachtzaak (art. 10:3 Wvggz). Beslissing tot verlenen van verplichte zorg (art. 8:9 Wvggz). Vraag of nieuwe beslissing tot het verlenen van verplichte zorg nodig is na een aansluitende…

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:4012Rechtbank Den Haag, 28 januari 2026 (personen- en familierecht)

    Afwijzing machtiging tot het verlenen van verplichte zorg

  • ECLI:NL:GHAMS:2025:696Gerechtshof Amsterdam, 18 maart 2025 (personen- en familierecht)

    Art. 10:7, 10:9 en 10:11 Wvggz. Schadevergoedingsverzoek. Onjuiste rechtsmiddelclausule onder bestreden beschikking. Niet-ontvankelijkheid in hoger beroep.

  • ECLI:NL:GHDHA:2022:234Gerechtshof Den Haag, 18 februari 2022 (strafrecht)

    Zorgmachtiging. Vervolg op ECLI:Nl:HR:2021:845. Hof acht oplegging van tbs met voorwaarden of dwangverpleging niet opportuun. Door het OM is het voornemen kenbaar gemaakt een zorgmachtiging te…

  • ECLI:NL:PHR:2022:23Parket bij de Hoge Raad, 7 januari 2022 (civiel recht)

    Wvggz. Klacht tegen dwangmedicatie (art. 8:9 Wvggz). Motivering duur behandeling.

16 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.