Invorderingswet 1990

IW

Huidige tekst

Artikel 36b IW

Geldt sinds 30 december 2008

  1. 1

    Hoofdelijk aansprakelijk is voor de loonbelasting of de omzetbelasting waarvoor een rechtspersoonlijkheid bezittend lichaam in de zin van de Algemene wet inzake rijksbelastingen dat volledig rechtsbevoegd is, voorzover het aan de heffing van de vennootschapsbelasting is onderworpen, bij beschikking als bedoeld in artikel 49, eerste lid, aansprakelijk is gesteld (aansprakelijkheidsschuld): ieder van de bestuurders van dat lichaam.

  2. 2

    Artikel 36, tweede tot en met zesde lid en achtste lid, is van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat: a.in het tweede lid van artikel 36 voor «loonbelasting, omzetbelasting, accijns, verbruiksbelasting voor alcoholvrije dranken, verbruiksbelasting van pruimtabak of snuiftabak, een van de in artikel 1 van de Wet belastingen op milieugrondslag genoemde belastingen of de kansspelbelasting» moet worden gelezen: de aansprakelijkheidsschuld; b.in het derde lid van artikel 36 voor «belastingschuld» moet worden gelezen «aansprakelijkheidsschuld», en voor «drie jaren»: zeven jaren; c.in het vierde lid van artikel 36 voor «drie jaren» moet worden gelezen: zeven jaren; d.in het vijfde lid, onderdeel a, van artikel 36 voor «belastingschuld» moet worden gelezen: aansprakelijkheidsschuld.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2018:427Parket bij de Hoge Raad, 19 april 2018 (belastingrecht)

    A-G IJzerman heeft conclusie genomen naar aanleiding van het beroep in cassatie van [X], belanghebbende, tegen de uitspraak van Gerechtshof ’s-Hertogenbosch van 19 mei 2017, nr. 15/01171.…

  • ECLI:NL:HR:2014:2875Hoge Raad, 3 oktober 2014 (belastingrecht)

    Art. 33, lid 1, letter a, en lid 3, alsmede art. 36b Invorderingswet 1990. De artikelen 33 en 36b van de Invorderingswet 1990 zijn zelfstandige regelingen voor het aansprakelijk stellen van lichaam…

  • ECLI:NL:PHR:2011:BL0202Parket bij de Hoge Raad, 21 januari 2011 (belastingrecht)

    Bestuurdersaansprakelijkheid. Artikel 36 Invorderingswet 1990. Artikel 37 Wet OB. Artikel 21, lid 3, Zesde richtlijn. Uitleg “als ondernemer” in artikel 36, lid 7, van de Invorderingswet 1990; kan…

  • ECLI:NL:PHR:2011:BL0208Parket bij de Hoge Raad, 21 januari 2011 (belastingrecht)

    De Hoge Raad heeft het beroep in cassatie gegrond verklaard, zie ook het arrest 09/00422.

  • ECLI:NL:RBGEL:2022:2142Rechtbank Gelderland, 26 april 2022 (belastingrecht)

    Eiser is aansprakelijk gesteld voor de aansprakelijkheidsschulden van de betreffende vennootschappen op grond van artikel 36b van de IW. De vordering van verweerder is niet verjaard. Op grond van het…

  • ECLI:NL:GHSHE:2022:243Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 1 februari 2022 (verbintenissenrecht)

    Bestuurdersaansprakelijkheid. Vader van (feitelijk) bestuurder stelt betaalrekening en inventaris ter beschikking aan vennootschap. Geen feitelijk bestuurder. Geen daden van bestuur. Bedacht zijn op…

  • ECLI:NL:GHSHE:2018:3547Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 23 augustus 2018 (belastingrecht)

    Art. 6:11 Awb. Na afloop van de termijn ingediend bezwaarschrift toch ontvankelijk omdat redelijkerwijs niet kan worden geoordeeld dat belanghebbende in verzuim is geweest. Het hoger beroep is…

  • ECLI:NL:GHSHE:2017:1632Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 13 april 2017 (belastingrecht)

    Aansprakelijkstelling voor naheffingsaanslag omzetbelasting, de boete, invorderingsrente en -kosten. Het is aan opzet, dan wel grove schuld van de fiscale eenheid, werkzaam in de administratieve en…

19 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.