Invorderingswet 1990

IW

Huidige tekst

Artikel 49 IW

Geldt sinds 1 januari 2023

  1. 1

    Aansprakelijkstelling geschiedt bij voor bezwaar vatbare beschikking door de ontvanger en vindt niet plaats vóór het tijdstip waarop de belastingschuldige in gebreke is met de betaling van zijn belastingschuld. In afwijking van de eerste zin vindt aansprakelijkstelling van een bestuurder op de voet van artikel 36b niet plaats voor het tijdstip waarop het aansprakelijk gestelde lichaam in gebreke is met de betaling van zijn aansprakelijkheidsschuld. Voor zover de aansprakelijkstelling betrekking heeft op een bestuurlijke boete, geschiedt zij met overeenkomstige toepassing van hoofdstuk VIIIA, afdeling 2, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen.

  2. 2

    Op de in het eerste lid bedoelde beschikking is afdeling 4.4.2 van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing.

  3. 3

    De ontvanger maakt de beschikking bekend door toezending als aangetekend stuk.

  4. 4

    Op het bezwaar, beroep, hoger beroep en beroep in cassatie inzake de in het eerste lid bedoelde beschikking is hoofdstuk V van de Algemene wet inzake rijksbelastingen van overeenkomstige toepassing.

  5. 5

    Met betrekking tot het vierde lid zijn de artikelen 25, derde lid, en 27e van de Algemene wet inzake rijksbelastingen niet van toepassing indien het niet aan de aansprakelijk gestelde is te wijten dat: a.de vereiste aangifte niet is gedaan; of b.niet volledig is voldaan aan de verplichtingen ingevolge de artikelen 41, 47, 47a, 49 en 52 van die wet, alsmede aan de verplichtingen ingevolge artikel 53, eerste, tweede en derde lid, van die wet voor zover het verplichtingen van administratieplichtigen betreft ten behoeve van de heffing van de belasting waarvan de inhouding aan hen is opgedragen.

  6. 6

    De ontvanger stelt de aansprakelijk gestelde desgevraagd op de hoogte van de gegevens met betrekking tot de belasting waarvoor hij aansprakelijk is gesteld voor zover deze gegevens voor het maken van bezwaar, het instellen van beroep of beroep in cassatie redelijkerwijs van belang kunnen worden geacht.

  7. 7

    Het bezwaar kan geen betrekking hebben op feiten of omstandigheden die van belang zijn geweest bij de vaststelling van een belastingaanslag en ter zake waarvan een onherroepelijke rechterlijke uitspraak is gedaan.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2026:547Parket bij de Hoge Raad, 29 mei 2026 (belastingrecht)

    Ontvanger, huurkoopovereenkomst, meldingsplicht, bodemzaak, executiewaarde, beloop van de betalingsverplichting

  • ECLI:NL:PHR:2025:435Parket bij de Hoge Raad, 11 april 2025 (belastingrecht)

    Bestuurdersaansprakelijkheid; art 36 IW; (gewezen) bestuurder; is bestuurdersaansprakelijkheid mogelijk als dezelfde bestuurder zich heeft kunnen disculperen als gewezen bestuurder voor een ander…

  • ECLI:NL:PHR:2024:936Parket bij de Hoge Raad, 13 september 2024 (belastingrecht)

    Aansprakelijkheidstelling; leidt uitstel van betaling voor de aansprakelijkheidsschuld ook tot uitstel van betaling van de belastingschuld? Deze zaak gaat over de verjaring van het recht op…

  • ECLI:NL:PHR:2024:710Parket bij de Hoge Raad, 28 juni 2024 (belastingrecht)

    Art. 225 en 234 Gemeentewet. Art. 20 AWR. Art. 6 EVRM. Art. 120 Grondwet. Art. 3:4 Awb. Kostenverhaal bij het opleggen van een naheffingsaanslag parkeerbelasting. Toetsingsmogelijkheden…

  • ECLI:NL:GHSHE:2026:1453Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 3 juni 2026 (belastingrecht)

    Beschikking tot aansprakelijkstelling. Het hof is, net als de rechtbank, van oordeel dat de inspecteur het bezwaar ten onrechte niet-ontvankelijk heeft verklaard wegens te late indiening van het…

  • ECLI:NL:RBZWB:2026:4719Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 29 mei 2026 (belastingrecht)

    8:55 Verzet ongegrond

  • ECLI:NL:RBZWB:2026:4720Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 29 mei 2026 (belastingrecht)

    8:55 Verzet ongegrond

  • ECLI:NL:RBOBR:2025:3463Rechtbank Oost-Brabant, 18 juni 2025 (belastingrecht)

    Rechtbank verklaart zich onbevoegd met betrekking tot besluiten over uitstel van betaling. De rechtbank wijst de heffingsambtenaar er op dat niet de juiste procedure is gevolgd. De…

290 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.