Invorderingswet 1990

IW

Huidige tekst

Artikel 61 IW

Geldt sinds 1 januari 2024

  1. 1

    Voor een weigering om te voldoen aan de in de artikelen 58, 59 en 60 omschreven verplichtingen kan niemand zich met vrucht beroepen op de omstandigheid dat hij uit enigerlei hoofde tot geheimhouding verplicht is, zelfs niet indien deze hem bij een wettelijke bepaling is opgelegd.

  2. 2

    Voor een weigering om te voldoen aan de in de artikelen 58 en 60 omschreven verplichtingen kan niemand zich met vrucht beroepen op de vertrouwelijkheid van zijn contacten met een verschoningsgerechtigde als bedoeld in artikel 63 voor zover het gegevens, inlichtingen, boeken, bescheiden en andere gegevensdragers of de inhoud daarvan betreft waarover diegene ook zonder die vertrouwelijke contacten beschikt of redelijkerwijs kan beschikken.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:HR:1997:AA3357Hoge Raad, 3 december 1997 (belastingrecht)

    -

  • ECLI:NL:PHR:1997:AA3357Parket bij de Hoge Raad, 3 december 1997 (belastingrecht)

    -

  • ECLI:NL:GHAMS:2016:2488Gerechtshof Amsterdam, 29 juni 2016 (ondernemingsrecht)

    OK; Enquête; voorzitter van de Ondernemingskamer; machtiging tot het doen van mededelingen uit het onderzoeksverslag aan derden; art. 2:353 lid 3 BW.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.