Burgerlijk Wetboek Boek 5

BW

Huidige tekst

Artikel 5:99 BW

Afwikkeling na het einde van de erfpacht redactionele omschrijving

Geldt sinds 1 januari 2024

  1. 1

    Na het einde van de erfpacht heeft de voormalige erfpachter recht op vergoeding van de waarde van nog aanwezige gebouwen, werken en beplantingen, die door hemzelf of een rechtsvoorganger zijn aangebracht of van de eigenaar tegen vergoeding der waarde zijn overgenomen.

  2. 2

    In de akte van vestiging kan worden bepaald dat de erfpachter geen recht heeft op de in het eerste lid bedoelde vergoeding: a.indien aan de in erfpacht gegeven grond een andere functie was toegedeeld dan die van woningbouw; b.indien de erfpachter de gebouwen, werken en beplantingen niet zelf heeft bekostigd; c.indien de erfpacht geëindigd is door opzegging door de erfpachter; d.voor zover de gebouwen, werken en beplantingen onverplicht waren aangebracht en hij ze bij het einde van de erfpacht mocht wegnemen.

  3. 3

    De eigenaar is bevoegd van de door hem ingevolge dit artikel verschuldigde vergoeding af te houden hetgeen hij uit hoofde van de erfpacht van de erfpachter te vorderen heeft.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:HR:2025:852Hoge Raad, 6 juni 2025 (personen- en familierecht)

    Personen- en familierecht. Huwelijksvermogensrecht. Procesrecht. Vervolg op HR 30 augustus 2019, ECLI:NL:HR:2019:1292. 'Potovereenkomst': uitvoeringsovereenkomst verrekenbeding huwelijkse voorwaarden…

  • ECLI:NL:PHR:2025:296Parket bij de Hoge Raad, 28 februari 2025 (personen- en familierecht)

    Personen- en familierecht. Huwelijksvermogensrecht. Aanvullende conclusie.

  • ECLI:NL:PHR:2024:1228Parket bij de Hoge Raad, 15 november 2024 (goederenrecht)

    Caribische zaak; opzegging erfpacht; uitleg begrip ‘bebouwd’ art. 14 Eilandsverordening op de uitgifte in erfpacht van gronden toebehorende aan het Eilandgebied Curaçao 1953; misbruik van bevoegdheid

  • ECLI:NL:PHR:2023:941Parket bij de Hoge Raad, 20 oktober 2023 (civiel recht)

    Erfpacht. Algemene voorwaarden. Onrechtmatige overheidsdaad. Wijzigingsbedingen in algemene bepalingen voor erfpacht van gemeente. Juiste beoordelingsmaatstaven (art. 6:233 onder a BW en Richtlijn…

  • ECLI:NL:GHARL:2026:6363Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 6 oktober 2026 (civiel recht)

    Vordering in kortgeding tot ontruiming van huurwoningen van arbeidsmigranten op vakantiepark, nadat de gemeente de verhuurder een dwangsom heeft opgelegd strekkende tot beëindiging van de permanente…

  • ECLI:NL:GHARL:2026:5332Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 18 augustus 2026 (verbintenissenrecht)

    Bank spreekt borg aan na faillissement vennootschap. Beroep op rechtsverwerking en op dwaling. Verwijten schending zorgplicht bij aangaan borgstelling en bij executoriale verkoop onroerend goed van…

  • ECLI:NL:RBLIM:2026:7835Rechtbank Limburg, 30 juli 2026 (goederenrecht)

    Erfdienstbaarheid. Geen belang bij gevorderde maatregel in kort geding omdat eiser stelt duidelijkheid te willen krijgen over het al dan niet bestaan van de erfdienstbaarheid. Voorshands is bovendien…

  • ECLI:NL:OGHACMB:2026:252Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba, 28 juli 2026 (civiel recht)

    Sint Maarten. Einde erfpacht. Beroep van erfverpachter op niet tijdige verlenging en op clausule in erfpachtakte dat geen vergoeding voor de opstal verschuldigd is. Dwingend recht (art. 5:99 BW SXM).

97 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.