Burgerlijk Wetboek Boek 5

BW

Huidige tekst

Artikel 5:27 BW

Geldt sinds 1 januari 2002

  1. 1

    De grond waarop zich openbare vaarwateren bevinden, wordt vermoed eigendom van de Staat te zijn.

  2. 2

    Dit vermoeden werkt niet tegenover een openbaar lichaam: a.dat die wateren onderhoudt en het onderhoud niet van de Staat heeft overgenomen; b.dat die wateren onderhield en waarvan dit onderhoud door de Staat of door een ander openbaar lichaam is overgenomen.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2024:419Parket bij de Hoge Raad, 12 april 2024 (goederenrecht)

    Goederenrecht. Vraag of een waterperceel openbaar is. Feitelijk gebruik. Beroep op verbod (correspondentie, bebording). Pleziervaart.

  • ECLI:NL:PHR:2021:356Parket bij de Hoge Raad, 9 april 2021 (civiel recht)

    Overnachtingshaven beroepsvaart; openbaar vaarwater; gewoon gebruik; erfdienstbaarheid; wijze van uitoefening (art. 5:73 BW); verzwaring; formele rechtskracht omgevingsvergunning meerpalen; dwangsom…

  • ECLI:NL:PHR:2011:BQ8086Parket bij de Hoge Raad, 30 september 2011 (civiel recht)

    Art. 81 RO. Extinctieve verjaring; art. 3:105, 314 BW. Bezit en houderschap; art. 3:111 e.v. BW.

  • ECLI:NL:PHR:2001:AB2149Parket bij de Hoge Raad, 15 juni 2001 (civiel recht)

    -

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.