Burgerlijk Wetboek Boek 5

BW

Huidige tekst

Artikel 5:75 BW

Geldt sinds 1 januari 2002

  1. 1

    De eigenaar van het heersende erf is bevoegd om op zijn kosten op het dienende erf alles te verrichten wat voor de uitoefening van de erfdienstbaarheid noodzakelijk is.

  2. 2

    Hij is eveneens bevoegd om op zijn kosten op het dienende erf gebouwen, werken en beplantingen aan te brengen, die voor de uitoefening van de erfdienstbaarheid noodzakelijk zijn.

  3. 3

    Hij is verplicht het door hem op het dienende erf aangebrachte te onderhouden, voor zover dit in het belang van het dienende erf nodig is; hij is bevoegd het weg te nemen, mits hij het erf in de oude toestand terugbrengt.

  4. 4

    De eigenaar van het dienende erf heeft geen recht van gebruik van de gebouwen, werken en beplantingen, die daarop door de eigenaar van het heersende erf rechtmatig zijn aangebracht.

  5. 5

    In de akte van vestiging kan van de vorige leden worden afgeweken.

  6. 6

    In geval van mandeligheid zijn in plaats van de leden 3 en 4 de uit dien hoofde geldende regels van toepassing.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2026:728Parket bij de Hoge Raad, 10 juli 2026 (civiel recht)

    Ruilverkaveling o.g.v. de Landinrichtingswet. Vordering uit onrechtmatige daad tegen de Staat vanwege inhoud van toelichting van ontwerp plan van toedeling waardoor rechthebbende op het verkeerde…

  • ECLI:NL:PHR:2026:612Parket bij de Hoge Raad, 19 juni 2026 (goederenrecht)

    Erfdienstbaarheden. Verkrijgende verjaring van erfdienstbaarheid uit hoofde van art. 3:105 BW. Geval van aangrenzende erven die aanvankelijk in dezelfde hand waren en waarvan de inrichting vanaf het…

  • ECLI:NL:PHR:2025:786Parket bij de Hoge Raad, 11 juli 2025 (insolventierecht)

    Faillissementsrecht. Boedelschuld. Verplichting tot verwijdering van zaken die tot de boedel behoren. Geldt deze verplichting óók als zaken zijn nagetrokken door de grond van degene die verwijdering…

  • ECLI:NL:PHR:2021:1061Parket bij de Hoge Raad, 12 november 2021 (civiel recht)

    Tijdelijk erfpacht- en opstalrecht; gerechtvaardigd vertrouwen op toezegging tot heruitgifte?; beding opstalvergoeding in strijd met art. 5:105 lid 3 jo. 5:99 lid 1 BW? art. 170 Overgangswet NBW…

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:345Rechtbank Den Haag, 7 januari 2026 (civiel recht)

    Burengeschil over uitleg en uitvoering erfdienstbaarheden en het gebruik van camera's

  • ECLI:NL:RBNHO:2025:15863Rechtbank Noord-Holland, 1 oktober 2025 (verbintenissenrecht)

    Discussie over het bestaan van een erfdienstbaarheid tot parkeren. Een van de dienende erven is verkocht en kan (conform de koopovereenkomst) alleen worden geleverd zonder dat er op dat perceel…

  • ECLI:NL:RBOVE:2025:5741Rechtbank Overijssel, 24 september 2025 (civiel recht)

    Eisers zijn eigenaar van een weg waar gedaagde gebruik van maakt. Deze weg loopt langs de woning van de eisers. De weg wordt gebruikt door zwaar vrachtverkeer van en naar het bedrijfsterrein van…

  • ECLI:NL:RBZWB:2025:6176Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 10 september 2025 (civiel recht)

    Uitleg erfdienstbaarheid en vestiging (nieuwe) erfdienstbaarheden

76 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.