Werkloosheidswet

WW

Huidige tekst

Artikel 11 WW

Geldt sinds 2 augustus 2022

  1. 1

    Het UWV wordt als werkgever beschouwd in de gevallen waarin: a.ziekengeld wordt betaald op grond van de verplichte verzekering krachtens de Ziektewet; b.uitkering wordt betaald op grond van de verplichte verzekering of hoofdstuk IV van deze wet; c.uitkering wordt betaald op grond van de verplichte verzekering op grond van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen of de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering; d.uitkering wordt betaald op grond van hoofdstuk 3, afdeling 2, paragraaf 1, of de artikelen 4:2b, eerste tot en met zesde lid, of 6:3, eerste tot en met zesde lid, van de Wet arbeid en zorg aan de werknemer of gelijkgestelde, bedoeld in artikel 3:6, eerste lid, van die wet; e.geen ziekengeld wordt betaald op grond van artikel 29, eerste lid, van de Ziektewet maar wel een toeslag op grond van de Toeslagenwet.

  2. 2

    Ingeval het UWV de uitkering of toeslag, bedoeld in het eerste lid, vermeerderd met de daarover door de werkgever verschuldigde premies en de inkomensafhankelijk bijdrage, bedoeld in artikel 42 van de Zorgverzekeringswet, betaalt aan de werkgever, bedoeld in artikel 9, 10 of 12, teneinde deze uitkering door diens tussenkomst te doen uitbetalen, treedt voor de toepassing van het eerste lid, deze in de plaats van het UWV, onafhankelijk van het voortbestaan van de dienstbetrekking met die werkgever.

  3. 3

    Indien een eigenrisicodrager als bedoeld in artikel 40, aanhef, eerste lid, van de Wet financiering sociale verzekeringen de uitkering, bedoeld in artikel 8, onderdeel a, van de Ziektewet op grond van artikel 63a van de Ziektewet betaalt of de uitkering op grond van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen, bedoeld in artikel 8a, eerste lid, van de Ziektewet op grond van artikel 82 van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen betaalt, treedt voor de toepassing van het eerste lid deze eigenrisicodrager als werkgever in de plaats van het UWV, onafhankelijk van het voortbestaan van de dienstbetrekking met die eigenrisicodrager.

  4. 4

    Bij ministeriële regeling kunnen met betrekking tot de door de werkgever verschuldigde premies, bedoeld in het tweede lid, nadere regels worden gesteld.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:RBARN:2008:BC9452Rechtbank Arnhem, 14 april 2008 (socialezekerheidsrecht)

    Het Uwv is bij de berekening van het WW-dagloon uitgegaan van het (lagere) WAO-vervolgdagloon op grond van artikel 13, zesde lid, van het Besluit dagloonregels werknemersverzekeringen (Stb. 2005…

  • ECLI:NL:CRVB:2005:AU3073Centrale Raad van Beroep, 27 juli 2005 (socialezekerheidsrecht)

    Tussen partijen is in geschil of de jaren 1998 en 1999, gedurende welke betrokkene niet heeft gewerkt en UKW-uitkering heeft ontvangen, mee tellen voor de vaststelling of betrokkene voldoet aan de…

  • ECLI:NL:RBARN:2004:AO3536Rechtbank Arnhem, 12 januari 2004 (bestuursrecht)

    Een uitkering ingevolge de Uitkeringswet gewezen militairen dient tot het loon als bedoeld in artikel 4, eerste lid, van de Coördinatiewet Sociale Verzekering te worden gerekend, nu deze uitkering…

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.