Werkloosheidswet

WW

Huidige tekst

Artikel 61a WW

Geldt sinds 1 januari 2016

  1. 1

    De nagelaten betrekkingen van een werknemer hebben recht op uitkering op grond van dit hoofdstuk over de periode vanaf de dag na overlijden tot en met één maand na de dag van het overlijden, ten bedrage van het loon dat de werknemer laatstelijk rechtens toekwam, doch ten hoogste anderhalf maal het bedrag, bedoeld in artikel 17, eerste lid, van de Wet financiering sociale verzekeringen, met betrekking tot het loontijdvak van een dag, vermenigvuldigd met 21,75, indien zij van een werkgever, die verkeert in een omstandigheid als bedoeld in artikel 61, een overlijdensuitkering te vorderen hebben. Indien het loon dat de werknemer laatstelijk rechtens toekwam meer bedroeg dan de uitkomst van de berekening, bedoeld in de vorige zin, worden de tot het loon behorende elementen naar evenredigheid betaald.

  2. 2

    Artikel 674, derde en vierde lid, van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek en artikel 63 zijn van overeenkomstige toepassing met betrekking tot het recht op uitkering op grond van dit artikel. De artikelen 19, 20, 21, 64 en 65 zijn niet van toepassing met betrekking tot het recht op uitkering op grond van dit artikel.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:CRVB:2026:1218Centrale Raad van Beroep, 16 september 2026 (socialezekerheidsrecht)

    De Raad onderschrijft het oordeel van de rechtbank dat appellante als (bedrijfstak)pensioenfonds niet op grond van artikel 1:2, eerste lid, van de Awb als belanghebbende bij een aanvraag om uitkering…

  • ECLI:NL:CRVB:2026:1226Centrale Raad van Beroep, 16 september 2026 (socialezekerheidsrecht)

    De Raad onderschrijft het oordeel van de rechtbank dat appellante als (bedrijfstak)pensioenfonds niet op grond van artikel 1:2, eerste lid, van de Awb als belanghebbende bij een aanvraag om uitkering…

  • ECLI:NL:RBDHA:2024:17922Rechtbank Den Haag, 5 november 2024 (socialezekerheidsrecht)

    Het beroep is ongegrond. Eiseres, een pensioenfonds, is geen belanghebbende in de zin van de Awb omdat zij geen eigen en rechtstreeks belang heeft bij (een aanvraag) om een uitkering op grond van…

  • ECLI:NL:CRVB:2012:BX0233Centrale Raad van Beroep, 4 juli 2012 (socialezekerheidsrecht)

    Overname van de uit dienstbetrekking voortvloeiende verplichtingen. De Raad volgt de rechtbank niet in haar oordeel dat bij een beëindiging in de loop van een kalenderjaar alleen flex-uren tot…

  • ECLI:NL:CRVB:2011:BU7441Centrale Raad van Beroep, 9 december 2011 (socialezekerheidsrecht)

    Weigering van het verzoek om op grond van hoofdstuk IV van de WW de verplichting tot loonbetaling over te nemen. Geen werknemer in de zin de van de WW. Geen sprake van een gezagsverhouding.…

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.