Uitleveringswet

UW

Huidige tekst

Artikel 19 UW

Geldt sinds 1 januari 2002

  1. 1

    Indien de overgelegde stukken naar het oordeel van Onze Minister niet voldoen aan de vereisten omschreven in artikel 18, of aan nadere vereisten gesteld in het toepasselijke verdrag, biedt hij de autoriteiten van de verzoekende staat gelegenheid tot aanvulling of verbetering, binnen een door hem te stellen redelijke termijn.

  2. 2

    In spoedeisende gevallen en voorzover een verdrag daarin voorziet kan de officier van justitie of de procureur-generaal bij de Hoge Raad, indien naar zijn oordeel, dat van de rechtbank of de Hoge Raad de overgelegde stukken niet voldoen aan de vereisten omschreven in artikel 18 of aan nadere vereisten gesteld in het toepasselijke verdrag welke ter beoordeling van de rechtbank of de Hoge Raad zijn, de door de verzoekende staat daartoe aangewezen autoriteiten gelegenheid bieden tot aanvulling of verbetering, binnen een door hem gestelde termijn.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2025:278Parket bij de Hoge Raad, 11 maart 2025 (strafrecht)

    Conclusie AG. Vervolgingsuitlevering aan Albanië. Genoegzaamheid stukken (art. 18 Uw en art. 12 EUV). Middel over oordeel rechtbank dat plaats gronddelict (in Albanië) voldoet als omschrijving…

  • ECLI:NL:HR:2006:AX9175Hoge Raad, 29 augustus 2006 (strafrecht)

    Uitleveringszaak. Vaststelling identiteit opgeëiste persoon. De rb (die uitlevering ontoelaatbaar verklaarde) heeft in haar einduitspraak geoordeeld dat met het door de dactyloscopisch deskundige…

  • ECLI:NL:HR:2005:AT8044Hoge Raad, 21 juni 2005 (strafrecht)

    Vervolgingsuitlevering aan Turkije. Dubbele strafbaarheid. De feiten waarvoor de uitlevering is gevraagd, te weten betrokkenheid bij de invoer en/of de handel in ecstasypillen, kunnen krachtens de…

  • ECLI:NL:PHR:2005:AS2793Parket bij de Hoge Raad, 1 februari 2005 (strafrecht)

    Overgangsrecht Overleveringswet. De opvatting is onjuist dat onder "de stukken" in art. 74.4 Overleveringswet moet worden verstaan: de stukken die geheel voldoen aan de vereisten van het…

  • ECLI:NL:RBDHA:2019:7539Rechtbank Den Haag, 5 april 2019 (vreemdelingenrecht)

    Verzoek om herziening van een feitelijke uitzetting naar Rwanda, ongegrond

  • ECLI:NL:PHR:2003:AF3308Parket bij de Hoge Raad, 20 mei 2003 (strafrecht)

    -

  • ECLI:NL:PHR:2001:AB0262Parket bij de Hoge Raad, 27 februari 2001 (strafrecht)

    -

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.