Terug naar alle wetten

Uitleveringswet

UW

Geldende tekst van alle 74 artikelen, ingedeeld volgens het BWB-wettenregister.

Inhoudsopgave

Hoofdstuk I Begripsbepalingen

Hoofdstuk II Voorwaarden voor uitlevering

  • Artikel 2Uitlevering geschiedt niet dan krachtens een verdrag.
  • Artikel 3Wanneer een van deze wet afwijkend verdrag aan de goedkeuring van de Staten-Generaal wordt onderworpen, doen Wij tevens…
  • Artikel 4Nederlanders worden niet uitgeleverd.
  • Artikel 5Uitlevering kan alleen worden toegestaan ten behoeve van:
  • Artikel 6Het in artikel 5, eerste lid, onder a, gestelde minimum van een jaar is niet van toepassing op uitlevering naar…
  • Artikel 7Voor de toepassing van deze wet worden gelijkgesteld:
  • Artikel 8Indien, naar het recht van de verzoekende staat, de doodstraf is gesteld op het feit waarvoor de uitlevering is…
  • Artikel 9Uitlevering van de opgeëiste persoon wordt niet toegestaan voor een feit terzake waarvan:
  • Artikel 10Uitlevering wordt niet toegestaan in gevallen waarin naar het oordeel van Onze Minister een gegrond vermoeden bestaat…
  • Artikel 11Uitlevering wordt niet toegestaan voor strafbare feiten van politieke aard, met inbegrip van daarmede samenhangende…
  • Artikel 12Uitlevering wordt niet toegestaan dan onder het algemene beding, dat de opgeëiste persoon alleen met uitdrukkelijke…

Hoofdstuk III Procedure van uitlevering

Afdeling A Voorlopige aanhouding

  • Artikel 13Voor zover een verdrag daarin voorziet, kan - in de gevallen omschreven in het volgende lid - op verzoek van de daartoe…
  • Artikel 13aEen vreemdeling die op grond van artikel 54, vijfde lid, van het Wetboek van Strafvordering is aangehouden, kan op…
  • Artikel 14Iedere officier en hulpofficier van justitie is bevoegd de voorlopige aanhouding van een voortvluchtige overeenkomstig…
  • Artikel 15De rechter-commissaris, belast met de behandeling van strafzaken, in de rechtbank van het arrondissement waarin een…
  • Artikel 16Een voortvluchtige wiens bewaring overeenkomstig artikel 15 is bevolen, wordt - behoudens de mogelijkheid van verdere…
  • Artikel 16aIndien een voortvluchtige in de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba overeenkomstig deze afdeling in…
  • Artikel 17Van elke beslissing, genomen krachtens een der bepalingen van de artikelen 13 tot en met 16a, wordt onverwijld kennis…

Afdeling B Behandeling van het verzoek tot uitlevering

  • Artikel 18Een verzoek tot uitlevering kan slechts in overweging worden genomen, indien het voldoet aan de vereisten omschreven in…
  • Artikel 19Indien de overgelegde stukken naar het oordeel van Onze Minister niet voldoen aan de vereisten omschreven in artikel…
  • Artikel 20Tenzij Onze Minister reeds aanstonds van oordeel is dat het verzoek tot uitlevering moet worden afgewezen, stelt hij…
  • Artikel 21De officier van justitie die het verzoek tot uitlevering heeft ontvangen, kan de aanhouding van de opgeëiste persoon…
  • Artikel 22Wanneer de opgeëiste persoon, op de dag waarop de officier van justitie het verzoek tot uitlevering ontvangt, reeds…
  • Artikel 22aIndien de opgeëiste persoon in de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba is aangehouden, blijft artikel 21…
  • Artikel 22bDe officier van justitie die een uitleveringsverzoek ter fine van strafvervolging heeft ontvangen betreffende een…
  • Artikel 23Uiterlijk op de derde dag na die waarop hij het verzoek tot uitlevering heeft ontvangen, vordert de officier van…
  • Artikel 24Dadelijk na de ontvangst van de in artikel 23 bedoelde vordering bepaalt de voorzitter van de rechtbank, zoveel…
  • Artikel 25Het verhoor van de opgeëiste persoon geschiedt in het openbaar, tenzij deze een behandeling van de zaak met gesloten…
  • Artikel 26De rechtbank onderzoekt de identiteit van de opgeëiste persoon op de wijze, bedoeld in artikel 27a, eerste lid, eerste…
  • Artikel 27Op vordering van de officier van justitie kan de rechtbank ter zitting de gevangenneming van de opgeëiste persoon…
  • Artikel 28Zo spoedig mogelijk na de sluiting van het onderzoek ter zitting doet de rechtbank uitspraak omtrent het verzoek tot…
  • Artikel 29De artikelen 50, eerste lid, 260, eerste lid, 268, 269, vijfde lid, 271, 272, 273, derde lid, 274 tot en met 277, 279…
  • Artikel 30De uitspraak van de rechtbank wordt aan de opgeëiste persoon die bij de voorlezing daarvan niet tegenwoordig is…
  • Artikel 31Tegen de uitspraak van de rechtbank betreffende het verzoek tot uitlevering kan zowel door de officier van justitie als…
  • Artikel 32Zodra de rechterlijke uitspraak betreffende het verzoek tot uitlevering in kracht van gewijsde is gegaan, zendt de…

Afdeling C Beslissing op het verzoek tot uitlevering

  • Artikel 33Nadat Onze Minister de stukken overeenkomstig artikel 32 heeft terugontvangen, beslist hij zo spoedig mogelijk op het…
  • Artikel 34Wanneer Onze Minister binnen de daarvoor gestelde termijn nadere stukken ontvangt, kan hij het dossier van de zaak…
  • Artikel 35Indien twee of meer staten de uitlevering van dezelfde persoon hebben gevraagd, houdt Onze Minister bij de beslissing…
  • Artikel 36Van zijn beslissing op het verzoek tot uitlevering, alsmede van de aanhouding daarvan overeenkomstig artikel 33, derde…

Afdeling D Voortgezette vrijheidsbeneming en verwijdering uit Nederland

  • Artikel 37Een krachtens artikel 27 bevolen vrijheidsbeneming wordt - behoudens de mogelijkheid van verdere vrijheidsbeneming uit…
  • Artikel 38Verlenging van de in artikel 37, eerste lid, onder b, bedoelde termijn kan telkens voor ten hoogste dertig dagen…
  • Artikel 39Na gehele of gedeeltelijke inwilliging van het verzoek tot uitlevering wordt de opgeëiste persoon zo spoedig mogelijk…
  • Artikel 40Indien zulks voor de toepassing van artikel 39, eerste of derde lid, noodzakelijk is, wordt de opgeëiste persoon op…

Afdeling E Verkorte procedure

  • Artikel 41De voortvluchtige wiens voorlopige aanhouding of uitlevering vanwege een andere staat is verzocht, kan - uiterlijk op…
  • Artikel 42Nadat een verklaring overeenkomstig artikel 41 is afgelegd, kan de officier van justitie beslissen dat de…
  • Artikel 43Indien de officier van justitie overeenkomstig artikel 42 heeft beslist, dat de voortvluchtige ter beschikking zal…
  • Artikel 44Na de dag waarop hij de in artikel 41 bedoelde verklaring heeft afgelegd, kan de voortvluchtige nog slechts gedurende…
  • Artikel 45In geval van toepassing van artikel 42, eerste lid, bepaalt de officier van justitie, na overleg met de bevoegde…

Afdeling F Recht op rechtsbijstand

  • Artikel 45aDe opgeëiste persoon heeft het recht zich door een raadsman te doen bijstaan.

Hoofdstuk IIIA Voorlopige terbeschikkingstelling aan Nederland

  • Artikel 45bIn de gevallen dat een persoon die in het buitenland rechtens van zijn vrijheid is beroofd, vooruitlopend op zijn…

Hoofdstuk IV Andere vormen van rechtshulp

  • Artikel 46Voorwerpen, aangetroffen in het bezit van degene wiens uitlevering of voorlopige aanhouding krachtens een verdrag is…
  • Artikel 47De rechtbank beslist bij haar uitspraak omtrent het verzoek tot uitlevering tevens over de afgifte, dan wel de…
  • Artikel 48Vreemdelingen die, ten behoeve van een strafrechtelijk onderzoek of de tenuitvoerlegging van een strafvonnis, door de…
  • Artikel 49De ingevolge artikel 48 vereiste toestemming wordt niet gegeven in gevallen waarin, zo het een verzoek tot uitlevering…
  • Artikel 50Voor zover bij verdrag niet anders is bepaald, wordt bij vervoer te land, overeenkomstig artikel 48, de bewaking van de…
  • Artikel 50aIn de gevallen dat een persoon, die in het buitenland rechtens van zijn vrijheid is beroofd, tijdelijk ter beschikking…
  • Artikel 51In gevallen waarin zulks bij een verdrag is bepaald, kan Onze Minister toestaan dat personen die in Nederland rechtens…
  • Artikel 51aVoor de in het tweede lid genoemde feiten, strafbaar te stellen ingevolge de in dat lid genoemde verdragen, kan worden…

Hoofdstuk V Slotbepalingen

  • Artikel 52Krachtens deze wet gegeven bevelen tot inverzekeringstelling of bewaring, dan wel tot verlenging van een termijn van…
  • Artikel 53De bevelen tot vrijheidsbeneming, gegeven krachtens deze wet, zijn dadelijk uitvoerbaar.
  • Artikel 54Personen die krachtens deze wet in verzekering of in bewaring zijn gesteld, of wier gevangenneming of gevangenhouding…
  • Artikel 55Voor zover bij verdrag niet anders is bepaald, is bij de uitlevering van of naar Nederland de bewaking van de opgeëiste…
  • Artikel 55aOp de bevelen tot bewaring en gevangenhouding, krachtens deze wet gegeven, is artikel 66a van het Wetboek van…
  • Artikel 56In gevallen waarin krachtens deze wet een beslissing omtrent de vrijheidsbeneming kan of moet worden genomen, kan…
  • Artikel 57Op bevelen tot beëindiging van vrijheidsbeneming, krachtens deze wet gegeven, en op de tenuitvoerlegging van zodanige…
  • Artikel 58De termijnen, genoemd in de artikelen 16, onder c, 37, eerste lid onder b, 40, derde lid, en 44, eerste lid, lopen niet…
  • Artikel 59In gevallen waarin de uitlevering bij rechterlijk gewijsde ontoelaatbaar is verklaard, kan de rechtbank die de zaak…
  • Artikel 60Op betekeningen, kennisgevingen en oproepingen, gedaan krachtens deze wet, zijn de artikelen 36b tot en met 36e, 36h…
  • Artikel 60aWaar in deze wet de bevoegdheid wordt gegeven tot het horen van personen, is artikel 131a van het Wetboek van…
  • Artikel 61De bepalingen van de voorgaande hoofdstukken zijn niet van toepassing op:
  • Artikel 62Ingetrokken wordt de wet van 6 april 1875, Stb.
  • Artikel 62aEen verzoek tot uitlevering betreffende een persoon die zich in de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba…
  • Artikel 63Deze wet kan worden aangehaald onder de titel:

Uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Omschrijvingen bij artikelen zijn redactioneel of de openingszin van het artikel. Dit is geen juridisch advies.