Burgerlijk Wetboek Boek 8

BW

Huidige tekst

Artikel 8:910 BW

Geldt sinds 1 januari 2002

  1. 1

    De afzender is verplicht de vervoerder omtrent de zaken alsmede omtrent de behandeling daarvan tijdig al die opgaven te doen, waartoe hij in staat is of behoort te zijn, en waarvan hij weet of behoort te weten, dat zij voor de vervoerder van belang zijn, tenzij hij mag aannemen dat de vervoerder deze gegevens kent.

  2. 2

    De vervoerder is niet gehouden, doch wel gerechtigd, te onderzoeken of de hem gedane opgaven juist en volledig zijn.

  3. 3

    Is bij het verstrijken van de tijd, waarbinnen de zaken ter beschikking van de vervoerder moeten zijn gesteld, door welke oorzaak dan ook, niet of slechts gedeeltelijk voldaan aan de in het eerste lid van dit artikel genoemde verplichting van de afzender, dan zijn, behalve in het geval van tijdbevrachting, het tweede, derde, vierde en vijfde lid van artikel 908 en het vijfde lid van artikel 911 van overeenkomstige toepassing.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:RBROT:2016:3379Rechtbank Rotterdam, 27 januari 2016 (civiel recht)

    Kort geding. 8:910 en 913 BW, 6:162 BW. Contaminatie, voorschot schadevergoeding afgewezen: nader feitenonderzoek in bodemprocedure vereist, schadevordering en spoedeisend belang voorts onvoldoende…

  • ECLI:NL:RBDOR:2005:AU6780Rechtbank Dordrecht, 16 november 2005 (civiel recht)

    Vraag of de afzender/bevrachter aansprakelijk is voor schade die door de vervoerde lading aan de ladingtanks van een schip is toegebracht en of die afzender/bevrachter terzake beroep toekomt op een…

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.