Burgerlijk Wetboek Boek 8

BW

Huidige tekst

Artikel 8:495 BW

Geldt sinds 1 januari 2002

  1. 1

    Zowel de vervoerder als hij die jegens de vervoerder recht heeft op de aflevering is, wanneer hij verliezen of schaden van zaken vermoedt, bevoegd de rechter te verzoeken vóór, bij of terstond na de aflevering daarvan en desgewenst aan boord van het schip een gerechtelijk onderzoek te doen plaatshebben naar de oorzaak daarvan.

  2. 2

    Indien dit onderzoek in tegenwoordigheid of na behoorlijke oproeping van de wederpartij heeft plaatsgehad, wordt het uitgebrachte rapport vermoed juist te zijn.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:RBROT:2026:9214Rechtbank Rotterdam, 12 maart 2026 (civiel recht)

    benoeming maritiem gerechtsdeskundige”?

  • ECLI:NL:RBROT:2024:13785Rechtbank Rotterdam, 17 oktober 2024 (civiel recht)

    Verzoek benoeming maritiem gerechtsdeskundige. Band met de Nederlandse rechtssfeer. Beperkingen omdat verzoek te ruim geformuleerd is. Mogelijkheid om bevindingen deskundige te delen met derden…

  • ECLI:NL:RBROT:2024:5954Rechtbank Rotterdam, 26 juni 2024 (civiel recht)

    Benoeming maritieme gerechtsdeskundige "volledig" conform rapport Afkoersen op vaste maritieme gerechtsdeskundigen.

  • ECLI:NL:RBROT:2021:4230Rechtbank Rotterdam, 30 april 2021 (civiel recht)

    Benoeming maritiem gerechtsdeskundige.

  • ECLI:NL:RBROT:2020:3282Rechtbank Rotterdam, 13 maart 2020 (civiel recht)

    Benoeming maritieme deskundige (als bedoeld in het rapport Afkoersen op vaste maritieme gerechtsdeskundigen) door voorzieningenrechter.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.