Burgerlijk Wetboek Boek 8

BW

Huidige tekst

Artikel 8:411 BW

Geldt sinds 1 januari 2002

De afzender wordt geacht ten behoeve van de vervoerder in te staan voor de juistheid op het ogenblik van de in ontvangstneming van de door hem opgegeven merken, getal, hoeveelheid en gewicht, en de afzender zal de vervoerder schadeloos stellen voor alle verliezen, schaden en kosten, ontstaan ten gevolge van onjuistheden in de opgave van deze bijzonderheden. Het recht van de vervoerder op dergelijke schadeloosstelling beperkt in genen dele zijn aansprakelijkheid en zijn verbintenissen, zoals zij uit de vervoerovereenkomst voortvloeien, tegenover elke andere persoon dan de afzender.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2025:203Parket bij de Hoge Raad, 14 februari 2025 (internationaal privaatrecht)

    Vervoersrecht. IPR. Procesrecht. Vervoer van goederen over zee. Schade vervoerder door gevaarlijke lading. Paramount clause. Geldige – door Rome I toegestane – partiële rechtskeuze voor US Cogsa?…

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.