Burgerlijk Wetboek Boek 8

BW

Huidige tekst

Artikel 8:545 BW

Geldt sinds 1 januari 2002

  1. 1

    Indien twee of meer schepen gezamenlijk door hun schuld een aanvaring hebben veroorzaakt, zijn de eigenaren daarvan zonder hoofdelijkheid aansprakelijk voor de schade, toegebracht aan medeschuldige schepen en aan goederen, die zich aan boord daarvan bevinden, en hoofdelijk voor alle overige schade.

  2. 2

    Is de aansprakelijkheid niet hoofdelijk, dan zijn de eigenaren van de schepen, die gezamenlijk door hun schuld de aanvaring hebben veroorzaakt, tegenover de benadeelden aansprakelijk in verhouding tot het gewicht van de schuld van hun schepen; indien echter de omstandigheden meebrengen, dat die verhouding niet kan worden vastgesteld of indien blijkt dat de schuld van deze schepen gelijkwaardig is wordt de aansprakelijkheid in gelijke delen verdeeld.

  3. 3

    Is de aansprakelijkheid hoofdelijk, dan moet elk der aansprakelijke eigenaren zijn door het tweede lid van dit artikel vastgestelde aandeel in de betaling aan de schuldeiser voor zijn rekening nemen. Onder voorbehoud van artikel 364 en artikel 880 heeft hij, die meer dan zijn aandeel heeft betaald, voor het overschot verhaal op zijn medeschuldenaren, die minder dan hun aandeel hebben betaald.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2019:368Parket bij de Hoge Raad, 22 maart 2019 (civiel recht)

    Art. 81 lid 1 RO. Aanvaring zeeschip en binnenvaartschip. Schuld van het schip. Goed zeemanschap. Mede-aansprakelijkheid. Art. 8:544 en 8:545 BW.

  • ECLI:NL:PHR:2013:1459Parket bij de Hoge Raad, 22 november 2013 (civiel recht)

    Art. 81 lid 1 RO. Contractenrecht. Beroep op exoneratieclausule naar maatstaven redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar? Passeren bewijsaanbod. Motiveringsklachten.

  • ECLI:NL:RBROT:2026:7117Rechtbank Rotterdam, 17 juni 2026 (civiel recht)

    Aanvaring op volle zee tussen vissersschip en tankerschip – toepasselijkheid Colregs – beide schepen schuld aan de aanvaring – vissersschip was niet bezig met uitoefening van visserij, was niet…

  • ECLI:NL:RBROT:2020:3746Rechtbank Rotterdam, 22 april 2020 (verbintenissenrecht)

    Aanvaring bij Nauw van Calais tussen vrachtschip en visserschip. IPR. Rapport OvV geen bewijsmiddel. Heeft aanvaring plaatsgevonden? Schuld? Uitkijk. 's Nachts twee man op wacht. Oploopsituatie. AIS…

  • ECLI:NL:RBROT:2016:10008Rechtbank Rotterdam, 22 december 2016 (civiel recht)

    Voorschot op buitengerechtelijke kosten gevorderd. Kort geding. Vordering toegewezen. Niet in geschil dat schip meer dan 0% schuld heeft aan aanvaring. Discussie over omvang aansprakelijkheid en…

  • ECLI:NL:RBROT:2016:10107Rechtbank Rotterdam, 23 november 2016 (civiel recht)

    Voorschot op buitengerechtelijke kosten gevorderd. Kort geding. Vordering toegewezen. Niet in geschil dat schip meer dan 0% schuld heeft aan aanvaring. De omvang van de aansprakelijkheid moet nog…

  • ECLI:NL:RBROT:2015:6864Rechtbank Rotterdam, 30 september 2015 (civiel recht)

    Aanvaring op het Binnen IJ - Noordzeekanaal. IPR. Uitvaren haven. Marfifoonverkeer. In een onoverzichtelijke situatie dient ook het schip dat voorrang heeft (via de marifoon) zijn locatie en koers…

  • ECLI:NL:GHLEE:2009:BJ1396Gerechtshof Leeuwarden, 30 juni 2009 (civiel recht)

    Scheepsbrand; schuld van het schip; subrogatie, tijdelijke regeling verhaalsrechten.

9 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.