Burgerlijk Wetboek Boek 8

BW

Huidige tekst

Artikel 8:375 BW

Geldt sinds 1 januari 2002

  1. 1

    Bij eigendomsovergang van een tevoren vervracht, al dan niet teboekstaand, schip op een derde volgt deze in alle rechten en verplichtingen van de vervrachter op, die nochtans naast de nieuwe eigenaar aan de overeenkomst gebonden blijft.

  2. 2

    Rechten en verplichtingen, welke vóór de eigendomsovergang opeisbaar zijn geworden, gaan op de derde niet over.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:RBAMS:2008:BD1901Rechtbank Amsterdam, 28 april 2008 (civiel recht)

    Vordering tot opheffing van scheepsbeslag. Incidentele vordering tot cautie wordt afgewezen omdat bij gelegde beslagen een effectieve toegang tot de rechter tot opheffing van beslag voor de beslagene…

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.