Burgerlijk Wetboek Boek 8

BW

Huidige tekst

Artikel 8:511 BW

Geldt sinds 1 januari 2002

  1. 1

    De reiziger is gehouden de vervoerder schriftelijk kennis te geven: a.in geval van uiterlijk zichtbare schade aan bagage: (i). wat betreft hutbagage: voor of ten tijde van de ontscheping van de reiziger; (ii). wat betreft alle andere bagage: voor of ten tijde van de aflevering; b.in geval van niet uiterlijk zichtbare schade aan of verlies van bagage: binnen vijftien dagen na de aanvang van de dag, volgende op de dag van ontscheping of aflevering of die waarop de bagage had moeten worden afgeleverd.

  2. 2

    Indien de reiziger niet aan zijn in het eerste lid van dit artikel omschreven verplichting voldoet, wordt, behoudens tegenbewijs, vermoed dat hij de bagage onbeschadigd heeft ontvangen.

  3. 3

    Schriftelijke kennisgeving is overbodig indien de staat van de bagage op het ogenblik van in ontvangstneming gezamenlijk is vastgesteld of geïnspecteerd.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.