Wet op de ondernemingsraden

Wor

Huidige tekst

Artikel 20 Wor

Geldt sinds 22 december 2004

  1. 1

    De leden van de ondernemingsraad en de leden van de commissies van die raad, alsmede de overeenkomstig artikel 16 geraadpleegde deskundigen zijn verplicht tot geheimhouding van alle zaken- en bedrijfsgeheimen die zij in hun hoedanigheid vernemen, alsmede van alle aangelegenheden ten aanzien waarvan de ondernemer, dan wel de ondernemingsraad of de betrokken commissie hun geheimhouding heeft opgelegd of waarvan zij, in verband met opgelegde geheimhouding, het vertrouwelijk karakter moeten begrijpen. Het voornemen om geheimhouding op te leggen wordt zoveel mogelijk vóór de behandeling van de betrokken aangelegenheid meegedeeld. Degene die de geheimhouding oplegt, deelt daarbij tevens mee, welke schriftelijk of mondeling verstrekte gegevens onder de geheimhouding vallen en hoelang deze dient te duren, alsmede of er personen zijn ten aanzien van wie de geheimhouding niet in acht behoeft te worden genomen.

  2. 2

    Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing ten aanzien van degenen die met het secretariaat van de ondernemingsraad of van een commissie van die raad zijn belast.

  3. 3

    De in het eerste lid bedoelde verplichting geldt niet tegenover hen die ingevolge een rechterlijke opdracht zijn belast met een onderzoek naar de gang van zaken in de onderneming.

  4. 4

    De in het eerste lid bedoelde verplichting geldt voorts niet tegenover hem die door een lid van de ondernemingsraad of door een lid van een commissie van die raad wordt benaderd voor overleg, mits de ondernemer, onderscheidenlijk degene die geheimhouding heeft opgelegd, vooraf toestemming heeft gegeven voor het overleg met de betrokken persoon en deze laatste schriftelijk heeft verklaard, dat hij zich ten aanzien van de betrokken aangelegenheid tot geheimhouding verplicht. In dat geval is ten aanzien van de bedoelde persoon het eerste lid van overeenkomstige toepassing.

  5. 5

    Een weigering de in het vorige lid bedoelde toestemming te verlenen, wordt door de ondernemer, onderscheidenlijk door degene die geheimhouding heeft opgelegd, met redenen omkleed.

  6. 6

    De plicht tot geheimhouding vervalt niet door beëindiging van het lidmaatschap van de ondernemingsraad of van de betrokken commissie, noch door beëindiging van de werkzaamheden van de betrokkene in de onderneming.

  7. 7

    De ondernemingsraad, alsmede ieder lid van de ondernemingsraad of van een commissie van die raad, alsmede een overeenkomstig artikel 16 geraadpleegde deskundige en ieder die met het secretariaat van de ondernemingsraad of van een commissie van die raad is belast kan de kantonrechter verzoeken de opgelegde geheimhouding op te heffen op de grond dat de ondernemer bij afweging van de betrokken belangen niet in redelijkheid tot het opleggen van geheimhouding had kunnen besluiten.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2014:2277Parket bij de Hoge Raad, 5 december 2014 (civiel recht)

    Art. 81 lid 1 RO. Arbeidsrecht. Invoering ‘salary-freeze’ in afwijking van CAO. Mocht werkgever aannemen dat werknemers, door niet te protesteren, welbewust met desbetreffende maatregel hebben…

  • ECLI:NL:RBOBR:2025:2448Rechtbank Oost-Brabant, 17 april 2025 (civiel recht)

    De ondernemingsraad wil overleg kunnen voeren met haar achterban en de betrokken vakbonden om zodoende een weloverwogen advies te geven op een voorgenomen besluit van de ondernemer. Na een…

  • ECLI:NL:GHAMS:2021:4012Gerechtshof Amsterdam, 14 december 2021 (civiel recht)

    Medezeggenschap. In geschil is de vraag of het voorgenomen besluit van Atos tot wijziging van een jubileumregeling een instemmingsplichtig besluit is. Er is geen instemming vereist van de COR op…

  • ECLI:NL:GHAMS:2021:1147Gerechtshof Amsterdam, 26 april 2021 (ondernemingsrecht)

    OK; Enquête; Toewijzing verzoek, benoeming bestuurder en commissaris

  • ECLI:NL:GHAMS:2020:2643Gerechtshof Amsterdam, 8 oktober 2020 (ondernemingsrecht)

    OK; WOR; afwijzing verzoek

  • ECLI:NL:RBAMS:2016:5655Rechtbank Amsterdam, 2 augustus 2016 (civiel recht)

    OR-lid stuurt adviesaanvraag die zij onder embargo heeft ontvangen door naar mede-vakbondsbestuurder. Dit levert geen dringende reden op voor ontbinding van de arbeidsovereenkomst. Wel verwijtbaar…

  • ECLI:NL:RBMNE:2016:4080Rechtbank Midden-Nederland, 20 juli 2016 (civiel recht)

    Ontbinding arbeidsovereenkomst. OR-lid. Geheimhoudingsplicht. Opzegverbod.

  • ECLI:NL:GHAMS:2015:2662Gerechtshof Amsterdam, 18 juni 2015 (arbeidsrecht)

    OK; adviesrecht ondernemingsraad; WOR; medezeggenschap; art. 25 en 25 WOR; sluiting van een onderneming en overheveling van activiteiten naar een andere onderneming. Ingevolge artikel 35 lid 2 WOR…

16 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.