Vreemdelingenwet 2000

Vw

Huidige tekst

Artikel 18 Vw

Geldt sinds 1 juli 2025

  1. 1

    Een aanvraag tot het verlengen van de geldigheidsduur van een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd als bedoeld in artikel 14 kan worden afgewezen indien: a.de houder daarvan zijn hoofdverblijf buiten Nederland heeft gevestigd; b.de vreemdeling niet beschikt over een geldig document voor grensoverschrijding; c.de vreemdeling onjuiste gegevens heeft verstrekt dan wel gegevens heeft achtergehouden terwijl die gegevens tot afwijzing van de oorspronkelijke aanvraag tot het verlenen of verlengen zouden hebben geleid; d.de vreemdeling niet meer zelfstandig en duurzaam beschikt over voldoende middelen van bestaan dan wel de persoon bij wie de vreemdeling verblijft niet meer zelfstandig en duurzaam beschikt over voldoende middelen van bestaan; e.de vreemdeling een gevaar vormt voor de openbare orde of nationale veiligheid; f.niet wordt voldaan aan de beperking waaronder de vergunning is verleend of een voorschrift dat aan de vergunning is verbonden; g.de vreemdeling voor een werkgever arbeid verricht, zonder dat aan de Wet arbeid vreemdelingen is voldaan; h.ten behoeve van het verblijf van de vreemdeling geen verklaring van een referent is overgelegd als bedoeld in artikel 2a, tweede lid; i.de vreemdeling niet heeft voldaan aan de inburgeringsplicht, bedoeld in artikel 6, eerste lid, van de Wet inburgering 2021.

  2. 2

    Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld over de toepassing van de gronden, bedoeld in het eerste lid.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:26959Rechtbank Den Haag, 7 september 2026 (vreemdelingenrecht)

    VK; kennismigrantenregeling; intrekking; evenredigheidsbeginsel; gelijkheidsbeginsel; redelijke termijn; ogg.

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:14131Rechtbank Den Haag, 26 mei 2026 (vreemdelingenrecht)

    Intrekking verblijf bij partner. Besluit 1/80 niet van toepassing. Belangenafweging in het nadeel van eiser. Beroep ongegrond

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:2038Rechtbank Den Haag, 6 februari 2026 (vreemdelingenrecht)

    MK. Intrekken reguliere verblijfsvergunning. De rechtbank is van oordeel dat voldoende is gemotiveerd dat het voor eiser tot de mogelijkheden behoort om in de toekomst naar Marokko te worden…

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:892Rechtbank Den Haag, 21 januari 2026 (vreemdelingenrecht)

    MK. Intrekking van eisers reguliere verblijfsvergunning. Eiser moet terugkeren naar Turkije en heeft een zwaar inreisverbod voor de duur van 10 jaar opgelegd gekregen. Tbs-maatregel en repatriëring.…

  • ECLI:NL:RBDHA:2025:25614Rechtbank Den Haag, 17 december 2025 (vreemdelingenrecht)

    afwijzing art 9 verblijf bij echtgenoot en afwijzing vtv familieleven 8 EVRM; geen uitzonderlijke omstandigheden

  • ECLI:NL:RBDHA:2025:23278Rechtbank Den Haag, 19 november 2025 (vreemdelingenrecht)

    Kennismigrant, intrekking verblijfsvergunning, verblijfsgat, erkend referent, evenredigheidsbeginsel, gelijkheidsbeginsel. Het beroep is ongegrond.

  • ECLI:NL:RBDHA:2025:18633Rechtbank Den Haag, 7 oktober 2025 (vreemdelingenrecht)

    Beroep niet-ontvankelijk. Reguliere verblijfsvergunning onder beperking arbeid als kennismigrant c.q. verblijf als gezins- of familielid. Er blijft hoe dan ook een verblijfsgat bestaan. Eisers hadden…

  • ECLI:NL:RBDHA:2025:15189Rechtbank Den Haag, 13 augustus 2025 (vreemdelingenrecht)

    intrekking vbv-regulier, strijd met artikel 8-EVRM, economisch welzijn onvoldoende gemotiveerd (voor de tweede keer vernietiging), beroep gegrond.

191 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.