Vreemdelingenwet 2000

Vw

Huidige tekst

Artikel 45b Vw

Geldt sinds 12 juni 2026

  1. 1

    De aanvraag tot het verlenen van een EU-verblijfsvergunning voor langdurig ingezetenen wordt afgewezen, indien de vreemdeling direct voorafgaande aan de aanvraag: a.een verblijfsrecht van tijdelijke aard heeft op grond van een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd als bedoeld in artikel 14; b.een formeel beperkt verblijfsrecht heeft; c.verblijf heeft op grond van een bijzondere geprivilegieerde status; d.verblijf heeft op grond van een verblijfsvergunning asiel als bedoeld in artikel 28, die niet is verleend op grond van de artikelen 29 of 29a; e.verblijf heeft op grond van een verblijfsvergunning asiel als bedoeld in artikel 28, die is verleend op grond van de artikelen 29b, 29c of 29d, bij een vreemdeling die in het bezit is van een verblijfsvergunning als bedoeld in artikel 28, die niet is verleend op grond van de artikelen 29 of 29a.

  2. 2

    Onverminderd het eerste lid kan de aanvraag tot het verlenen van een EU-verblijfsvergunning voor langdurig ingezetenen slechts worden afgewezen, indien de vreemdeling: a.niet gedurende vijf jaren ononderbroken en direct voorafgaande aan de aanvraag rechtmatig verblijf als bedoeld in artikel 8 heeft gehad, met inachtneming van het derde lid; b.in de periode, bedoeld onder a, zes of meer achtereenvolgende maanden of in totaal tien of meer maanden buiten Nederland heeft verbleven; c.al of niet tezamen met de gezinsleden bij wie hij verblijft, niet zelfstandig en duurzaam beschikt over voldoende middelen van bestaan; d.bij onherroepelijk geworden rechterlijk vonnis is veroordeeld wegens een misdrijf waartegen een gevangenisstraf van drie jaren of meer is bedreigd, dan wel hem ter zake de maatregel, bedoeld in artikel 37a van het Wetboek van Strafrecht, is opgelegd; e.een gevaar vormt voor de nationale veiligheid; f.niet beschikt over een toereikende ziektekostenverzekering voor hemzelf en de te zijnen laste komende gezinsleden; of g.niet heeft voldaan aan het bij of krachtens algemene maatregel van bestuur vast te stellen inburgeringsvereiste.

  3. 3

    Voor de berekening van de periode bedoeld in het tweede lid, onder a, wordt verblijf als bedoeld in het eerste lid en verblijf als bedoeld in het tweede lid, onder b, niet meegeteld, met uitzondering van verblijf voor studie of beroepsopleiding, dat voor de helft wordt meegeteld.

  4. 4

    Voor de berekening van de periode, bedoeld in het tweede lid, onderdeel a, wordt de periode tussen de datum van indiening van de aanvraag waarop een verblijfsvergunning asiel als bedoeld in de artikelen 29 of 29a werd verleend en de datum waarop de in artikel 9, tweede lid, onder a, bedoelde verblijfstitel werd afgegeven, volledig in aanmerking genomen.

  5. 5

    Wanneer de vreemdeling die verblijf heeft op grond van een verblijfsvergunning asiel als bedoeld in artikel 28, die is verleend op grond van de artikelen 29 of 29a, wordt aangetroffen in een andere lidstaat zonder dat hij het recht heeft daar te wonen of te verblijven, wordt de periode waarin hij voorafgaand daaraan rechtmatig in Nederland verbleef, niet in aanmerking genomen bij de berekening van de periode, bedoeld in het tweede lid, onder a.

  6. 6

    Onze Minister kan het vijfde lid buiten toepassing laten indien de vreemdeling aantoont dat de redenen om in de andere lidstaat te wonen of te verblijven zonder dat hij daartoe het recht had, te wijten zijn aan omstandigheden die buiten zijn controle lagen.

  7. 7

    Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld over de toepassing van het eerste lid en het tweede lid, onderdelen a tot en met f.

  8. 8

    Bij of krachtens de algemene maatregel van bestuur, bedoeld in het tweede lid, onderdeel g, worden in ieder geval regels gesteld omtrent de inhoud van het inburgeringstraject en het te behalen niveau, alsmede omtrent de vrijstellingen en ontheffingen.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:30793Rechtbank Den Haag, 19 oktober 2026 (vreemdelingenrecht)

    EU-verblijfsvergunning voor langdurig ingezetenen. Beroep gegrond. De minister heeft eiser ten onrechte niet gehoord in bezwaar

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:25595Rechtbank Den Haag, 4 september 2026 (vreemdelingenrecht)

    De rechtbank komt tot het oordeel dat de minister terecht heeft gesteld dat eiser in de periode van 20 oktober 2023 tot 21 november 2023 niet een formeel beperkt verblijfsrecht had. Verder komt de…

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:25622Rechtbank Den Haag, 4 september 2026 (vreemdelingenrecht)

    De rechtbank komt tot het oordeel dat de minister terecht heeft gesteld dat eiser in de periode van 20 oktober 2023 tot 21 november 2023 niet een formeel beperkt verblijfsrecht had. Verder komt de…

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:25138Rechtbank Den Haag, 1 september 2026 (vreemdelingenrecht)

    aanvraag voor EU-verblijfsvergunning langdurig ingezetenen en verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd, verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd na intrekking bestreden besluit alsnog verleend…

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:12256Rechtbank Den Haag, 18 mei 2026 (vreemdelingenrecht)

    EU-verblijfsvergunning voor langdurig ingezetenen. Verweerder heeft de aanvraag terecht afgewezen omdat eiser niet gedurende vijf jaren ononderbroken en direct voorafgaand aan de aanvraag rechtmatig…

  • ECLI:NL:RBDHA:2025:22915Rechtbank Den Haag, 20 november 2025 (vreemdelingenrecht)

    Afwijzing van de aanvraag voor een EU-verblijfsvergunning voor langdurig ingezetenen. Niet voldaan aan het vereiste van vijf jaar. Verblijfsgat. Evenredigheidsbeginsel. Hoorplicht. Beroep ongegrond.

  • ECLI:NL:RBDHA:2025:21311Rechtbank Den Haag, 12 november 2025 (vreemdelingenrecht)

    aanvraag EU-verblijfsvergunning langdurig ingezetenen, (-) voldoet niet aan de vw, hoorplicht niet geschonden, ongegrond.

  • ECLI:NL:RBDHA:2025:19813Rechtbank Den Haag, 17 september 2025 (vreemdelingenrecht)

    Afwijzing aanvraag voor een EU-verblijfsvergunning langdurig ingezetene of een verblijfsvergunning regulier voor onbepaalde tijd. Beroep ongegrond. Eiser heeft niet direct voorafgaand aan zijn…

33 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.