Vreemdelingenwet 2000

Vw

Huidige tekst

Artikel 21 Vw

Geldt sinds 25 juli 2024

  1. 1

    De aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd als bedoeld in artikel 20 van de vreemdeling die direct voorafgaande aan de aanvraag, gedurende vijf achtereenvolgende jaren rechtmatig verblijf heeft genoten als bedoeld in artikel 8, onder a, c, e, l, dan wel op grond van een EU-verblijfsvergunning voor langdurig ingezetenen, kan slechts worden afgewezen indien de vreemdeling: a.al of niet tezamen met het gezinslid bij wie hij verblijft, niet zelfstandig en duurzaam beschikt over voldoende middelen van bestaan; b.onjuiste gegevens heeft verstrekt dan wel gegevens heeft achtergehouden terwijl die gegevens tot afwijzing van de aanvraag tot het verlenen, wijzigen of verlengen zouden hebben geleid; c.bij onherroepelijk geworden rechterlijk vonnis is veroordeeld wegens een misdrijf waartegen een gevangenisstraf van drie jaren of meer is bedreigd, dan wel hem ter zake de maatregel, bedoeld in artikel 37a van het Wetboek van Strafrecht, is opgelegd; d.een gevaar vormt voor de nationale veiligheid; e.zijn hoofdverblijf buiten Nederland heeft gevestigd; f.op de dag waarop de aanvraag is ontvangen, een verblijfsrecht van tijdelijke aard heeft; of g.niet heeft voldaan aan het bij of krachtens algemene maatregel van bestuur vast te stellen inburgeringsvereiste.

  2. 2

    In afwijking van het eerste lid, wordt de aanvraag niet afgewezen op grond van het eerste lid, onder a, indien de vreemdeling gedurende een tijdvak van tien aaneengesloten jaren rechtmatig verblijf als bedoeld in artikel 8, onder a of l, of op grond van een EU-verblijfsvergunning voor langdurig ingezetenen heeft gehad.

  3. 3

    In afwijking van het eerste lid, wordt de aanvraag niet afgewezen op grond van het eerste lid, onder a, indien de vreemdeling als minderjarige onder een beperking verband houdende met gezinshereniging rechtmatig verblijf heeft gehad en sindsdien zijn hoofdverblijf niet buiten Nederland heeft verplaatst en inmiddels 18 jaar is, tenzij de gezinsband werd verbroken binnen een jaar na verlening van de verblijfsvergunning, bedoeld in artikel 14.

  4. 4

    Indien de vreemdeling in Nederland is geboren dan wel reeds voor zijn vierde levensjaar in Nederland verbleef en sindsdien zijn hoofdverblijf niet buiten Nederland heeft verplaatst en inmiddels 18 jaar is, kan de aanvraag in afwijking van het eerste lid slechts worden afgewezen op grond van het eerste lid, onder c of d. In afwijking van het eerste lid, behoeft het rechtmatig verblijf van de vreemdeling niet aaneengesloten te zijn. De aanvraag kan slechts worden afgewezen op grond van het eerste lid, onder c, indien de vreemdeling bij onherroepelijk geworden rechterlijk vonnis is veroordeeld voor een misdrijf als bedoeld in artikel 22b, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht of een misdrijf uit de Opiumwet waarop naar de wettelijke omschrijving een gevangenisstraf van zes jaar of meer is gesteld.

  5. 5

    Onder een tijdvak als bedoeld in het eerste en tweede lid van dit artikel wordt verstaan een tijdvak onmiddellijk voorafgaande aan de dag waarop de verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd is aangevraagd. Voor de berekening van het tijdvak wordt de periode van rechtmatig verblijf in Nederland vóór het bereiken van de achtjarige leeftijd buiten beschouwing gelaten.

  6. 6

    Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld over de gronden, bedoeld in het eerste lid, onderdelen a tot en met f. Daarbij kunnen andere gevallen dan bedoeld in het eerste tot en met vierde lid worden aangewezen waarin een verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd als bedoeld in artikel 20 kan worden verleend.

  7. 7

    Bij of krachtens de algemene maatregel van bestuur, bedoeld in het eerste lid, onderdeel g, worden in ieder geval regels gesteld omtrent de inhoud van het inburgeringstraject en het te behalen niveau, alsmede omtrent de vrijstellingen en ontheffingen.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2023:1103Parket bij de Hoge Raad, 5 december 2023 (strafrecht)

    Conclusie AG. Medeplegen van witwassen (art. 47 jo. art. 420bis Sr). Slagend middel over het ontbreken van rechtsmacht op basis van art. 7 lid 1 jo. lid 3 Sr t.a.v. het medeplegen van witwassen in…

  • ECLI:NL:HR:2010:BN8204Hoge Raad, 21 december 2010 (strafrecht)

    1. Verbeteren bewezenverklaring in aanvulling op het verkorte arrest. 2. Ad informandum gevoegde feiten waarvan niet blijkt dat verdachte deze heeft erkend. Ad 1. De Hoge Raad neemt aan dat als…

  • ECLI:NL:PHR:2010:BN8204Parket bij de Hoge Raad, 21 december 2010 (strafrecht)

    1. Verbeteren bewezenverklaring in aanvulling op het verkorte arrest. 2. Ad informandum gevoegde feiten waarvan niet blijkt dat verdachte deze heeft erkend. Ad 1. De Hoge Raad neemt aan dat als…

  • ECLI:NL:PHR:2010:BM2314Parket bij de Hoge Raad, 9 juli 2010 (civiel recht)

    Vermogensrecht/Bestuursrecht. Collectieve actie (art. 3:305a BW). Associatieovereenkomst EEG-Turkije. Vordering van vreemdelingenorganisaties tot onverbindverklaring van ministeriële regelingen…

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:12256Rechtbank Den Haag, 18 mei 2026 (vreemdelingenrecht)

    EU-verblijfsvergunning voor langdurig ingezetenen. Verweerder heeft de aanvraag terecht afgewezen omdat eiser niet gedurende vijf jaren ononderbroken en direct voorafgaand aan de aanvraag rechtmatig…

  • ECLI:NL:GHARL:2026:1984Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 3 april 2026 (strafprocesrecht)

    Onderzoek Mergel. Veroordeling tot 18 maanden gevangenisstraf ter zake van het telen van hennep in Duitsland en Nederland (5 kwekerijen). Gebruik van versleutelde informatie van telefoons (EncroChat…

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:10227Rechtbank Den Haag, 22 januari 2026 (vreemdelingenrecht)

    Eiser heeft een aanvraag voor een reguliere verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd en een verblijfsvergunning voor EU-langdurig ingezetenen gedaan. De minister mocht deze aanvraag afwijzen, omdat…

  • ECLI:NL:RBDHA:2025:26141Rechtbank Den Haag, 19 december 2025 (vreemdelingenrecht)

    Beroep, verblijfsvergunning regulier voor onbepaalde tijd, artikel 21 Vw, eiser voldoet niet aan de voorwaarde dat hij vijf achtereenvolgende jaren rechtmatig verblijf heeft gehad direct voorafgaand…

150 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.