Ziektewet

ZW

Huidige tekst

Artikel 6 ZW

Geldt sinds 1 januari 2019

  1. 1

    Als dienstbetrekking wordt niet beschouwd de arbeidsverhouding van: a.degene, die minister, staatssecretaris, commissaris van de Koning, burgemeester, Nationale ombudsman, substituut-ombudsman, lid van gedeputeerde staten, wethouder, voorzitter van een waterschap of de Rijksvertegenwoordiger voor de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba, is; b.degene die als vrijwilliger werkzaamheden verricht als politiebeambte, alsmede van degene die als vrijwilliger al dan niet tegen loon werkzaamheden verricht bij de brandweer; c.degene die doorgaans op minder dan vier dagen per week uitsluitend of nagenoeg uitsluitend diensten verricht ten behoeve van het huishouden van de natuurlijke persoon tot wie hij in dienstbetrekking staat; d.de directeur-grootaandeelhouder; e.degene die als vrijwilliger als bedoeld in artikel 2, zesde lid, van de Wet op de loonbelasting 1964, uitsluitend vergoedingen of verstrekkingen als bedoeld in dat lid ontvangt met een gezamenlijke waarde van ten hoogste de in dat artikellid genoemde bedragen per maand en per kalenderjaar.

  2. 2

    Geen dienstbetrekking wordt geacht aanwezig te zijn op dagen, waarop geen arbeid wordt verricht en geen uitkering of een uitkering van minder dan de helft van het normale loon van de werkgever wordt genoten, tenzij het niet verrichten van de arbeid zijn oorzaak vindt in: a.een normale onderbreking van of verhindering tot het verrichten van de arbeid, zolang deze onderbreking of verhindering niet langer dan een maand heeft geduurd; b.weersinvloeden, gebrek aan materialen of dergelijke omstandigheden; c.vervallen; d.de omstandigheid, dat de dienstbetrekking er toe strekt, dat slechts een gedeelte van een normale werkweek arbeid wordt verricht; e.de omstandigheid, dat de dienstbetrekking er toe strekt, dat niet regelmatig in elke kalenderweek arbeid wordt verricht, voor zover het betreft de kalenderweek waarin arbeid wordt verricht of arbeid zou worden verricht, indien de betrokkene niet arbeidsongeschikt was geworden; f.arbeidsongeschiktheid terzake waarvan ziekengeld op grond van deze wet is toegekend of terzake waarvan recht bestaat op een uitkering op grond van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen of de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering.

  3. 3

    Voor de toepassing van het eerste lid, onderdeel c, wordt onder het verrichten van diensten ten behoeve van een huishouden mede verstaan het verlenen van zorg aan de leden van dat huishouden.

  4. 4

    Het eerste en tweede lid zijn alleen van toepassing op de aldaar bedoelde arbeidsverhoudingen.

  5. 5

    Door Onze Minister worden, in overeenstemming met Onze Minister van Financiën, regels gesteld omtrent hetgeen onder directeur-grootaandeelhouder, bedoeld in het eerste lid, onderdeel d, wordt verstaan.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2024:730Parket bij de Hoge Raad, 5 juli 2024 (arbeidsrecht)

    Arbeidsrecht. Platformwerk. Waren de schoonmakers bij het (inmiddels failliet verklaarde) platform Helpling werkzaam op basis van een arbeidsovereenkomst of uitzendovereenkomst met Helpling, of op…

  • ECLI:NL:PHR:2013:BY9295Parket bij de Hoge Raad, 22 maart 2013 (belastingrecht)

    Art. 3 en art. 6, lid 1 en 4, WW. Is directeur-grootaandeelhouder werknemer in de zin van de WW? Grammaticale uitleg van art. 2, lid 1, letter d, van de Regeling aanwijzing…

  • ECLI:NL:PHR:2012:BU8926Parket bij de Hoge Raad, 17 februari 2012 (belastingrecht)

    Art. 59, lid 3, Wfsv; art. 7:610 BW. Notarissen in dienst van vennootschap waarin zij middellijk aandeelhouder zijn?

  • ECLI:NL:CRVB:2026:1304Centrale Raad van Beroep, 8 oktober 2026 (socialezekerheidsrecht)

    De uitsluiting van een niet-PGB gefinancierde huishoudelijk werkster voor de Ziektewet is niet gerechtvaardigd. Betrokkene werkte voordat zij ziek werd vijf dagen per week bij zeven particuliere…

  • ECLI:NL:RBZWB:2026:6718Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 24 juli 2026 (socialezekerheidsrecht)

    Dagloon WIA.

  • ECLI:NL:RBLIM:2026:5080Rechtbank Limburg, 22 mei 2026 (bestuursrecht)

    Het UWV heeft zonder enig nader onderzoek uit de uitlating van eiseres dat zij niks mocht doen geconcludeerd dat zij niet verzekerd was voor de Ziektewet en heeft daarom uitkering geweigerd. De…

  • ECLI:NL:RBAMS:2026:69Rechtbank Amsterdam, 13 januari 2026 (socialezekerheidsrecht)

    Afwijzing aanvraag betaald ouderschapsverlof, WAZO, ongegrond.

  • ECLI:NL:RBOVE:2025:5401Rechtbank Overijssel, 2 september 2025 (bestuursrecht)

    Vaststelling dagloon in het kader van de WIA. Het UWV heeft zich terecht op het standpunt heeft gesteld dat geen sprake is van een gezagsverhouding tussen eiser en zijn partner. Daarom is de…

35 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.