Overleveringswet

OLW

Huidige tekst

Artikel 38 OLW

Geldt sinds 12 mei 2004

Bij de feitelijke overlevering deelt de officier van justitie aan de uitvaardigende justitiële autoriteit of, in voorkomend geval, aan de bevoegde centrale autoriteit de duur van de vrijheidsbeneming van de opgeëiste persoon met het oog op zijn overlevering, mee.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:HR:2013:943Hoge Raad, 15 oktober 2013 (strafrecht)

    WOTS-zaak. Tul in NL van een in Frankrijk opgelegde straf. Aftrek voorarrest. Tegen de achtergrond van hetgeen in de conclusie AG is opgemerkt over de totstandkoming van art. 11.1ahf.c van het…

  • ECLI:NL:PHR:2013:956Parket bij de Hoge Raad, 27 augustus 2013 (strafrecht)

    WOTS-zaak. Tul in NL van een in Frankrijk opgelegde straf. Aftrek voorarrest. Tegen de achtergrond van hetgeen in de conclusie AG is opgemerkt over de totstandkoming van art. 11.1ahf.c van het…

  • ECLI:NL:RBAMS:2012:BV8667Rechtbank Amsterdam, 6 maart 2012 (strafrecht)

    Overlevering. EAB executie Groot-Brittanie. 6 OLW. Nu er geen verdrag is dat de mogelijkheid biedt om de tenuitvoerlegging van de straf die de opgeëiste persoon nog dient te ondergaan over te nemen…

  • ECLI:NL:RBAMS:2010:1032Rechtbank Amsterdam, 5 maart 2010 (strafrecht)

    EAB executie, Duitsland, OL toegestaan voor 1 feit, geweigerd voor 3 feiten wegens het ontbreken van dubbele strafbaarheid

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.