Binnenvaartpolitiereglement

BPR

Huidige tekst

Artikel 7.01 BPR

Geldt sinds 1 december 2004

Algemene beginselen voor het ligplaats nemen 1 Onverminderd de andere bepalingen van dit reglement moeten een schip en een drijvend voorwerp zodanig ligplaats nemen, dat de scheepvaart niet wordt belemmerd. 2 Afgezien van andere regelingen moet een drijvende inrichting een zodanige ligplaats innemen, dat het vaarwater vrijblijft voor de scheepvaart. 3 Een schip, een samenstel en een drijvend voorwerp die stilliggen, zomede een drijvende inrichting, moeten zodanig zijn verankerd of gemeerd, dat zij door verandering van hun positie geen gevaar of hinder voor andere schepen kunnen vormen, dan wel dat daardoor geen schade aan oevers, waterkeringen of werken gelegen in scheepvaartwegen kan ontstaan. Hierbij moet met name rekening worden gehouden met wind, stroom en verandering van de waterstand, alsmede met zuiging en golfslag. 4 Een stilliggend schip mag zonder toestemming van de bevoegde autoriteit niet onnodig waterbeweging veroorzaken, indien daardoor gevaar of schade voor een ander schip, drijvend voorwerp of drijvende inrichting, dan wel schade aan oevers, waterkeringen of werken gelegen in scheepvaartwegen kan ontstaan. 5 Een niet-vrijvarende veerpont moet, indien hij buiten dienst is, ligplaats nemen op de door de bevoegde autoriteit aangewezen plaats dan wel, zo deze niet is aangewezen, zodanig, dat het vaarwater vrij blijft, en mag zich niet langer in het vaarwater bevinden dan voor de uitoefening van de dienst nodig is.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:RBROT:2026:10882Rechtbank Rotterdam, 29 juli 2026 (civiel recht)

    Deze zaken gaan over de vraag of de in de Beatrixhaven te Eemshaven afgemeerde veerboot Romantika schuld heeft aan schade die aan de nabijgelegen schepen Alliantie en Sartor is ontstaan. De Romantika…

  • ECLI:NL:RBDHA:2022:2429Rechtbank Den Haag, 11 maart 2022 (bestuursrecht)

    Last onder dwangsom voor belemmering van doorvaart.

  • ECLI:NL:RBROT:2020:5300Rechtbank Rotterdam, 10 juni 2020 (verbintenissenrecht)

    Renvooiprocedure over saldo-aansprakelijkheid. De Ark van Noach slaat tijdens zware storm los van de kade en beschadigt o.a. een steiger van de gemeente Urk. Aansprakelijkheid gemeente (vermoedelijk…

  • ECLI:NL:RBROT:2018:7295Rechtbank Rotterdam, 8 augustus 2018 (civiel recht)

    Schadevaring. Schuld van het schip. Art. 8:1004 BW. Art. 1.04 BPR (Binnenvaartpolitiereglement). De Waard, eigenaar van een bedrijfsgebouw en daaraan grenzende kade in de Sethehaven te Meppel…

  • ECLI:NL:RVS:2016:1776Raad van State, 16 juni 2016 (bestuursrecht)

    Bij besluit van 8 juli 2015 heeft de minister [verzoeker A] onder aanzegging van bestuursdwang gelast om zijn schepen "[schip A]", "[schip B]", "[schip C]" en "[schip D]" uiterlijk 3 september 2015…

  • ECLI:NL:RBNHO:2015:11990Rechtbank Noord-Holland, 10 september 2015 (bestuursrecht)

    VovoTen aanzien van de steiger geldt geen aanlegverbod. Daarmee is naar het voorlopig oordeel van de voorzieningenrechter geen sprake van belemmering van het vaarwater en is er dus geen sprake van…

  • ECLI:NL:RVS:2013:519Raad van State, 31 juli 2013 (bestuursrecht)

    Bij besluit van 25 mei 2011 heeft de deelraad het bestemmingsplan "Museumkwartier en Valeriusbuurt" vastgesteld.

  • ECLI:NL:RBROT:2013:6173Rechtbank Rotterdam, 3 juli 2013 (civiel recht)

    Aanvaring op de Oude Maas net boven Dordtse bruggen. Opvarend binnenschip neemt de ongebruikelijke rechter doorvaartopening zonder snelheid te minderen en andere voorzorgsmaatregelen te nemen en…

13 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.