Benelux-verdrag inzake de intellectuele eigendom (merken en tekeningen of modellen)

BVIE

Huidige tekst

Artikel 3.3 BVIE

Geldt sinds 1 april 2026

Regel 3.3 Talen Bureau 1 De officiële talen van het Bureau zijn het Nederlands en het Frans. De werktalen van het Bureau zijn het Nederlands, Frans en Engels. 2 Alle stukken die aan het Bureau worden overgelegd dienen in een van de werktalen te zijn gesteld. Het bepaalde in regel 1.20 vormt hierop een uitzondering. 3 Bewijzen van een recht van voorrang, van naamswijziging, uittreksels van akten waaruit een overdracht, een andere overgang, een licentie of een zakelijk recht blijkt, de daarop betrekking hebbende verklaringen, de reglementen op het gebruik en het toezicht en de wijzigingen daarvan, worden eveneens aanvaard indien zij in het Duits zijn gesteld. 4 De in lid 3 genoemde stukken die in een andere taal zijn gesteld worden eveneens aanvaard indien een vertaling ervan in een van de werktalen van het Bureau of het Duits is bijgevoegd. 5 Het Bureau levert op verzoek en tegen betaling van een taks een vertaling naar een van zijn officiële talen van alle Benelux-aanvragen of -inschrijvingen die in het Engels luiden en die openbaar gemaakt zijn.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:HR:2013:1036Hoge Raad, 25 oktober 2013 (civiel recht)

    Auteursrecht; inbreukvordering. Verschilt het nationaal auteursrechtelijk werkbegrip van het communautaire? Diende het hof te onderzoeken of vuurkorf en verpakking modellen zijn in de zin van art.…

  • ECLI:NL:PHR:2013:60Parket bij de Hoge Raad, 28 juni 2013 (civiel recht)

    Auteursrecht; inbreukvordering. Verschilt het nationaal auteursrechtelijk werkbegrip van het communautaire? Diende het hof te onderzoeken of vuurkorf en verpakking modellen zijn in de zin van art.…

  • ECLI:NL:GHARL:2025:7442Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 18 november 2025 (intellectueel-eigendomsrecht)

    Kort geding modelrecht dakvoetprofiel

  • ECLI:NL:RBGEL:2024:7548Rechtbank Gelderland, 30 oktober 2024 (civiel recht)

    Kort geding. IE. Modelrecht. Geen nieuw en eigen karakter in de zin van artt. 3.1 lid 1, 3.3. lid 1 en 3.3. lid 2 BVIE. Model neemt onvoldoende afstand van vormgeving vormgevingserfgoed. Geen sprake…

  • ECLI:NL:RBDHA:2024:12217Rechtbank Den Haag, 18 juli 2024 (intellectueel-eigendomsrecht)

    Kort geding. Modellenrecht. Modellen m.b.t portemonnee / kaarthouder gelding. Inbreuk.

  • ECLI:NL:RBDHA:2022:1216Rechtbank Den Haag, 16 februari 2022 (intellectueel-eigendomsrecht)

    Intellectuele eigendom. Herzienings-kort geding. Conventie: opheffing ex parte bevel. Modelrecht (Beneluxmodel en Gemeenschapsmodel) op versiering toppen Sansevieria's. Modelrecht is geldig. Het…

  • ECLI:NL:RBDHA:2021:973Rechtbank Den Haag, 10 februari 2021 (intellectueel-eigendomsrecht)

    Auteursrecht, modellenrecht en slaafse nabootsing turntoestellen

  • ECLI:NL:RBOBR:2020:3525Rechtbank Oost-Brabant, 13 juli 2020 (civiel recht)

    Kort geding. auteursrecht modellenrecht slaafse nabootsing

14 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.