Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg

BIG

Huidige tekst

Artikel 47 BIG

Geldt sinds 1 juli 2020

  1. 1

    Degene die in een der in het tweede lid vermelde hoedanigheden in een register ingeschreven staat, is onderworpen aan tuchtrechtspraak ter zake van: a.enig handelen of nalaten in strijd met de zorg die die beroepsbeoefenaar in die hoedanigheid behoort te betrachten ten opzichte van: 1°. degene, met betrekking tot wiens gezondheidstoestand hij bijstand verleent of zijn bijstand is ingeroepen; 2°. degene die, in nood verkerende, bijstand met betrekking tot zijn gezondheidstoestand behoeft; 3°. de naaste betrekkingen van de onder 1° en 2° bedoelde personen; b.enig ander dan onder a bedoeld handelen of nalaten in strijd met hetgeen een behoorlijk beroepsbeoefenaar betaamt.

  2. 2

    De in het eerste lid bedoelde hoedanigheden zijn die van: arts, tandarts, apotheker, gezondheidszorgpsycholoog, psychotherapeut, fysiotherapeut, verloskundige, verpleegkundige, physician assistant, orthopedagoog-generalist, klinisch technoloog.

  3. 3

    De tuchtrechtspraak wordt in eerste aanleg uitgeoefend door regionale tuchtcolleges en in beroep door een centraal tuchtcollege.

  4. 4

    In geval van doorhaling van een inschrijving in het register blijft de betrokkene ter zake van enig in het eerste lid bedoeld handelen of nalaten gedurende de tijd dat hij ingeschreven stond, aan de tuchtrechtspraak onderworpen.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2024:858Parket bij de Hoge Raad, 30 augustus 2024 (civiel recht)

    Cassatie in het belang der wet. Wraking van lid-beroepsgenoot van Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg vanwege deelname aan dezelfde professionele werkgroep als beklaagde. Objectief…

  • ECLI:NL:PHR:2022:762Parket bij de Hoge Raad, 26 augustus 2022 (civiel recht)

    Cassatie in het belang der wet tegen een beslissing van het Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg op grond van art. 75 Wet BIG. Heeft een patiënt recht op inzage in de bevindingen van een…

  • ECLI:NL:HR:2020:713Hoge Raad, 21 april 2020 (strafrecht)

    Cassatie in het belang van de wet. Euthanasie op demente patiënt, tuchtzaak. Beslissing Centraal Tuchtcollege voor Gezondheidszorg over arts die euthanasie heeft toegepast op patiënt die leed aan…

  • ECLI:NL:PHR:2019:1339Parket bij de Hoge Raad, 17 december 2019 (strafrecht)

    Vordering tot cassatie in het belang de wet betreffende een uitspraak van het Centraal tuchtcollege voor de gezondheidszorg (art. 75 wet BIG). Euthanasietoepassing op patiënte met vergevorderde…

  • ECLI:NL:RBROT:2026:9577Rechtbank Rotterdam, 4 augustus 2026 (bestuursprocesrecht)

    In deze uitspraak beoordeelt de voorzieningenrechter het verzoek om een voorlopige voorziening tegen een last tot onmiddellijke onthouding van de beroepsactiviteiten (LOOB) op grond van de Wet BIG.…

  • ECLI:NL:GHAMS:2024:2994Gerechtshof Amsterdam, 29 oktober 2024 (civiel recht)

    Zorgovereenkomst, 35 lid 1 Wmg, 21 Rv, misbruik van procesrecht. Vordering van zorgverzekeraar tot terugbetaling van declaraties voor patiëntenzorg die een psychiater heeft ingediend en de…

  • ECLI:NL:RBMNE:2023:4418Rechtbank Midden-Nederland, 12 juli 2023 (civiel recht)

    Aansprakelijkheid van bedrijfsarts jegens zieke werknemer die een arbeidsconflict heeft met zijn werkgever. Geen verschil tussen civielrechtelijke en tuchtrechtelijke toets. Art. 7:464 BW. Geen…

  • ECLI:NL:RBDHA:2022:11360Rechtbank Den Haag, 20 oktober 2022 (civiel recht)

    Kort geding. Vordering om persoonsgegevens arts aan eiser te verstrekken ten behoeve van een te voeren klachtprocedure afgewezen. Belangenafweging.

43 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.