Gemeentewet

Gemw

Huidige tekst

Artikel 36a Gemw

Geldt sinds 1 januari 2023

  1. 1

    Voor het wethouderschap gelden de vereisten voor het lidmaatschap van de raad, bedoeld in artikel 10, met dien verstande dat in artikel 10, tweede lid, onder b, voor «de dag waarop de gemeenteraad beslist over de toelating als lid tot de gemeenteraad» gelezen wordt: de dag waarop zij tot wethouder worden benoemd.

  2. 2

    Bij de benoeming is de beoogde wethouder in het bezit van een verklaring omtrent het gedrag als bedoeld in artikel 28 van de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens, die niet ouder is dan drie maanden.

  3. 3

    De raad kan voor de duur van een jaar ontheffing verlenen van het vereiste van ingezetenschap. De ontheffing kan in bijzondere gevallen, telkens met een periode van maximaal een jaar, worden verlengd.

  4. 4

    Dezelfde persoon kan niet in meer dan één gemeente wethouder zijn.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:RVS:2025:3959Raad van State, 20 augustus 2025 (bestuursrecht)

    Bij besluit van 22 mei 2025 heeft de raad van de gemeente Almere vastgesteld dat [appellant] niet voldoet aan het vereiste voor het lidmaatschap van de raad, zoals vermeld in artikel 10, eerste lid…

  • ECLI:NL:RBZWB:2015:2235Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 9 april 2015 (strafrecht)

    Valsheid in geschrifte door voormalig wethouder.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.