Gemeentewet

Gemw

Huidige tekst

Artikel 170 Gemw

Geldt sinds 1 januari 2025

  1. 1

    De burgemeester ziet toe op: a.een tijdige voorbereiding, vaststelling, uitvoering en evaluatie van het gemeentelijk beleid en van de daaruit voortvloeiende besluiten, alsmede op een goede afstemming tussen degenen die bij die voorbereiding, vaststelling, uitvoering en evaluatie zijn betrokken; b.een goede samenwerking van de gemeente met andere gemeenten en andere overheden; c.de kwaliteit van procedures op het vlak van burgerparticipatie; d.een zorgvuldige behandeling van bezwaarschriften; e.een zorgvuldige behandeling van klachten door het gemeentebestuur.

  2. 2

    De burgemeester bevordert de bestuurlijke integriteit van de gemeente.

  3. 3

    De burgemeester bevordert overigens een goede behartiging van de gemeentelijke aangelegenheden.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:RBLIM:2026:9259Rechtbank Limburg, 2 september 2026 (verbintenissenrecht)

    Onderzoek gemeente naar uitlatingen gemeenteraadslid niet in strijd met recht op vrije meningsuiting.

  • ECLI:NL:RBDHA:2025:20460Rechtbank Den Haag, 5 november 2025 (verbintenissenrecht)

    Verbintenissenrecht algemeen: onrechtmatige publicatie / rectificatie

  • ECLI:NL:RBDHA:2025:3453Rechtbank Den Haag, 12 maart 2025 (civiel recht)

    Twee vastgoedondernemers Noordwijk niet onrechtmatig behandeld Twee vastgoedondernemers in Noordwijk zijn niet onrechtmatig behandeld door de personen die hebben bijgedragen aan het opstellen van het…

  • ECLI:NL:RBZWB:2022:4959Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 24 augustus 2022 (bestuursrecht)

    WET

  • ECLI:NL:RVS:2014:4117Raad van State, 12 november 2014 (bestuursrecht)

    Burgemeester mag bij vergunning voor Sinterklaasintocht geen oordeel vellen over 'Zwarte Piet'. De burgemeester van Amsterdam heeft de vergunningaanvraag voor de Sinterklaasintocht voor 2013 terecht…

  • ECLI:NL:GHARN:2008:BH2887Gerechtshof Arnhem, 10 juni 2008 (civiel recht)

    Bij de vaststelling van het object van de huurovereenkomst is beslissend de bedoeling van partijen ten tijde van het sluiten van de huurovereenkomst. Naar het oordeel van het hof was de (kennelijke)…

  • ECLI:NL:RBMAA:1999:AA4892Rechtbank Maastricht, 30 september 1999 (bestuursrecht)

    -

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.