Successiewet 1956

SW

Huidige tekst

Artikel 24 SW

Geldt sinds 1 januari 2026

  1. 1

    De belasting wordt geheven naar het volgende tarief. In dit tarief is in de derde en vierde kolom voor de daarin genoemde verkrijgers het heffingspercentage opgenomen over het gedeelte van de belaste verkrijging, gelegen tussen de daarnaast in de eerste en tweede kolom genoemde bedragen. Gedeelte van de belaste verkrijging tussen en I. indien verkregen door partner of afstammelingen in de rechte lijn 1) II. in overige gevallen € 0 € 158.669 10% 30% € 158.669 en hoger 20% 40% 1 Voor afstammelingen in de tweede of verdere graad bedraagt de belasting het ingevolge deze kolom verschuldigde, vermeerderd met 80% daarvan.

  2. 2

    De overdrachtsbelasting, voor zover deze niet heeft geleid tot toepassing van artikel 13 van de Wet op belastingen van rechtsverkeer, betaald over het bedrag waarover schenkbelasting verschuldigd is, strekt in mindering van de schenkbelasting.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:HR:2024:1130Hoge Raad, 6 september 2024 (belastingrecht)

    Successiewet; het begrip ‘kind’ in art. 32(1)4°(c) SW en het begrip ‘afstammeling’ in art. 24(1) SW; uitleg van art. 2(3)i AWR; is het kind dat family life heeft met de biologische vader, maar met…

  • ECLI:NL:PHR:2023:1201Parket bij de Hoge Raad, 22 december 2023 (belastingrecht)

    Successiewet; het begrip ‘kind’ in art. 32(1)4°(c) SW en het begrip ‘afstammeling’ in art. 24(1) SW; uitleg van art. 2(3)i AWR; is het kind dat family life heeft met de biologische vader, maar met…

  • ECLI:NL:PHR:2018:1106Parket bij de Hoge Raad, 4 oktober 2018 (belastingrecht)

    A-G IJzerman heeft heden conclusie genomen naar aanleiding van het beroep in cassatie van belanghebbende tegen de uitspraak van het Gerechtshof Den Haag van 9 februari 2018, nr. BK-17/00832…

  • ECLI:NL:PHR:2017:1300Parket bij de Hoge Raad, 21 november 2017 (belastingrecht)

    Feiten: de belanghebbende had in 2013 geen arbeidsinkomen. Haar is een nihilaanslag IB/PVV 2013 opgelegd waarbij haar op grond van art. 8.9(2) Wet IB 2001 een algemene heffingskorting ad € 1.468 is…

  • ECLI:NL:GHARL:2025:4292Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 8 juli 2025 (belastingrecht)

    Schenkbelasting. Navorderingsbevoegdheid.

  • ECLI:NL:RBZWB:2024:342Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 24 januari 2024 (belastingrecht)

    De aanslag schenkbelasting is terecht en niet tot een te hoog bedrag opgelegd. Enerzijds verzetten algemene beginselen van bestuur zich niet tegen het opleggen van deze aanslag en anderzijds is de…

  • ECLI:NL:RBNHO:2023:6289Rechtbank Noord-Holland, 16 juni 2023 (belastingrecht)

    De ex-partner van eiseres is overleden. In zijn testament is opgenomen dat hij een geldbedrag van € 1.000.000 legateert aan eiseres. In geschil is of eiseres recht heeft op toepassing van het lage…

  • ECLI:NL:RBNHO:2023:4667Rechtbank Noord-Holland, 21 april 2023 (belastingrecht)

    Erfbelasting. Eiseres is erfgename van degene met wie zij ooit een samenlevingscontract had gesloten maar die niet altijd op hetzelfde adres als eiseres stond ingeschreven. In geschil is het tarief…

181 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.